Stichting tot Behoud van Tilburgs Cultuurgoed - Nieuws en updates Archief Januari 2004


Nieuwsarchief
januari 2004


27 januari 2004

Eerste boek van het Stadsmuseum Tilburg over de mythe van de Tilburgse Kruikezeiker

Tilburgers worden Kruikezeikers genoemd, weet men overal in het land te vertellen. Nu zijn voor de eerste keer mythe en waarheid van dit fenomeen onderzocht en beschreven. Op 15 februari verschijnt een boek over de geschiedenis van de Tilburgse Kruikezeiker van het schrijversduo Henk van Doremalen en Paul Spapens. Het is het eerste boek dat het nieuwe Stadsmuseum Tilburg zal presenteren ter gelegenheid van de Kruikezeikersdag in het Nederlands Textielmuseum. Er is dan ook een kleine expositie over de Kruikezeiker te zien.


Over het fenomeen van de Tilburgse Kruikezeiker is veel gespeculeerd en is veel geschreven. Maar nooit is een serieus onderzoek gedaan naar waarheid en dichtsel. 
In een zeer fraai vormgegeven en luxueus uitgevoerd boek in veelkleurendruk ontraadselen Henk van Doremalen en Paul Spapens op een vlot geschreven manier de mythe en proberen ze de waarheid te vinden.

De volgende feiten blijken te kloppen: in Tilburg is eeuwenlang menselijke urine gebruikt in de wolindustrie; in Tilburg hebben arbeiders hun eigen urine gegeven; in Tilburg kregen de arbeiders daarvoor betaald; pas in de tweede helft van de negentiende eeuw is het 'industrieel' plassen verdwenen. Vragen blijven: hoeveel kregen ze betaald en of op maandag geen urine werd ingenomen omdat er teveel alcohol in zou zitten. Verder zijn geen bewijzen gevonden dat letterlijk in een kruik werd geplast. 

Naast een historisch verhaal geeft dit boek ook antwoord op de vraag hoe het heeft kunnen gebeuren dat vrijwel iedereen in Nederland het begrip Kruikezeiker in verband brengt met Tilburg en de Tilburgers. De belangrijkste reden is het feit dat deze spotnaam door het plaatselijk carnaval met verve wordt uitgedragen. In de hedendaagse context is het begrip Kruikezeiker in de beleving van de Tilburger echter veel breder. De Kruikezeiker staat voor de identiteit van de inwoner van de zesde stad van het land. Het is volstrekt uniek dat een schimpnaam van zo'n grote plaats een geuzennaam is geworden.

Nadere gegevens
Het boekje 'Kruikezeikers, mythe en werkelijkheid van een Tilburgs fenomeen' , is gebonden en geheel in full color gedrukt met ongeveer 50 foto´s. Het kost € 5,00 en het is vanaf 15 februari verkrijgbaar in het Nederlands Textielmuseum en bij het Regionaal Archief Tilburg. Het ISBN-nummer is 90-77643-01-X.
Het boekje is tijdens de Kruikezeikersdag op 15 februari (12.00-16.00 uur) in het Nederlands Textielmuseum 15 februari tegen een gereduceerde prijs van € 4,00 te verkrijgen.


24 januari 2004

Opening nieuwe permanente expositie in het Nederlands Textielmuseum

Het harten koele koppen, werken in de textiel 1860

Deze multi-media tentoonstelling over het ‘werken in de textiel’, vanaf de industrialisatie in ons land, roert veel zaken aan die tot dusver in het museum nauwelijks zijn belicht. Uitgebreide interviews met mensen die vroeger in de textiel werkten en gesprekken met textielmensen nu leverden unieke ‘egodocumenten’ op. Aan de hand van gefilmde portretten en andere verhalen en reportages wordt de museumbezoeker deelgenoot van het werken in deze industrie. Ook worden bij een bepaald onderdeel museumbezoekers zelf uitgenodigd met verhalen en voorwerpen voor de dag te komen. 
De hoofdtitel van de tentoonstelling ‘Hete harten, koele koppen’ verwijst naar een slogan gedrukt op een affiche naar aanleiding van de grootste textielstaking die Nederland heeft gekend. Ze begon in oktober 1923 en duurde zes maanden. 22.000 mannen en vrouwen en 39 Twentse textielbedrijven waren er bij betrokken. Meer in het algemeen drukt de titel uit hoe sterk verbonden met hun werk en bedrijf werkers in de textiel zich voel(d)en en hoe anderzijds een meer nuchtere instelling noodzakelijk was en is. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De expositie bestaat uit vier presentaties: 

De thuiswever 
In de sfeer van een Tilburgs wevershuis komt een thuisweversgezin tot leven. Het dagelijks leven wordt door middel van een hoor- en lichtspel verbeeld. De stemmen die de ruimte vullen, en waarin ook het publiek een plaats heeft, zijn van acteurs. Hun spel is gebaseerd op historische gegevens over het thuisweven in de wijk Hasselt rond 1910. Het verhaal, de geluiden, lichteffecten, een authentiek handweefgetouw en andere attributen die in het thuisweversgezin een rol hebben gespeeld, nemen de (jonge) bezoeker mee terug in de tijd van toen. Het spel heeft twee versies; één voor een ouder publiek en één voor kinderen vanaf tien jaar. 

Deze acht gezichten 
In een theaterachtige opstelling wordt de bezoeker uitgenodigd te luisteren en te kijken naar acht speciaal voor deze tentoonstelling gefilmde werkers in de textiel. Een arbeider, een ploegbaas, een spoelster, een thuiswerkster, een directeur, een bedrijfsleider, een arbeidsmigrant en een ‘dertiger’ die nu in de textielindustrie werkzaam is, geven een confronterende terugblik op hun ervaringen en belevenissen. Het vastleggen van de persoonlijke emoties, de contrasterende én gemeenschappelijke ervaringen en het doortrekken naar de situatie in de textiel nu maken de film tot een aangrijpend en boeiend document. Ook deze film heeft twee versies. Eén voor een ouder publiek en één voor kinderen vanaf 12 jaar. 

Tijdsbeeld in virtuele strip 
Over bijna de gehele lengte van de tentoonstellingszaal (40 meter) is, in twee delen, een immens filmdoek gespannen Het dient als projectiedoek waarop een ‘virtuele strip’ van de tijd wordt vertoond. Een lange, afwisselende stoet van originele foto’s, spotprenten en authentieke films trekt op het doek voorbij en geeft een vooral visuele impressie van het werken in de textiel vanaf eind 19e eeuw tot nu. De strip is in tijdsperioden opgedeeld waarbij werkomstandigheden, scholing en onderwijs, bedrijfsvoering en emancipatie terugkerende thema’s zijn. Het accent van de beelden ligt op de situatie in de twee grootste textielindustrie-concentraties in de betreffende periode: Twente en Noordbrabant. Op een aantal plekken langs het doek kan de bezoeker authentieke geluidsfragmenten horen. De gehele voorstelling wordt ondersteund door speciaal voor deze voorstelling gecomponeerde muziek. Door de compositie van indringende beelden, oorspronkelijke en verrassende geluiden en de muziek is de virtuele strip te beleven als een poëtisch document. Daarnaast biedt de strip historische context aan de overige presentaties. 

Getuigenissen van dingen 
‘Getuigenissen van dingen’ bestaat uit een grote glazen vitrinekast waarin allerlei voorwerpen zijn geplaatst die getuigen van het werken in de textiel vanaf 1860 tot nu. Dat kan een stuk gereedschap zijn, een kledingstuk of een bijzonder textielproduct. Meer symbolisch zijn voorwerpen als een heilig-hartbeeld, dat een plaats was toebedacht in fabrieken van rooms-katholieke signatuur of het knipmodel van de jodenster, die in 1942 in Nederland is gedrukt. Alle voorwerpen zijn via touch screens interactief te benaderen. Voor kinderen maken spellen en quizzen onderdeel uit van het programma. Bezoekers kunnen diverse informatie over de voorwerpen opdiepen en bij een twintigtal is een persoonlijk verhaal over ‘een ding’ te beluisteren. Ook wordt het publiek uitgenodigd zelf met herinneringen aan ‘de textiel’ voor de dag te komen en nieuwe voorwerpen aan te dragen. Ieder half jaar komen er nieuwe voorwerpen in de vitrinekast. Van speciale opdrachten aan kinderen, zoals ‘ontwerp je eigen banier’, worden de beste inzendingen beloond met een productie en presentatie in het museum. 

Nederlands Textielmuseum, Goirkestraat 96, 5046 GN Tilburg.
Geopend: Dinsdag tot en met vrijdag 10 tot 17 uur. Zaterdag en zondag 12 tot 17 uur. Tweede paasdag, tweede pinksterdag, tweede kerstdag en hemelvaartsdag 12 tot 17 uur. 


24 januari 2004

Stadsmuseum pakt meteen al stevig uit

door Ben Ackermans in het Brabants Dagblad van 24 januari 2004 

Via vijf exposities, twee boeken en een catalogus gaat het Stadsmuseum Tilburg dit jaar zijn visitekaartje afgeven. "We gaan werken met de stad en haar inwoners", zegt R. Peeters, hoofd van het museum en conservator. Een grote zomertentoonstelling, Tilburg verzamelt, springt het meest in het oog.

Het stadsmuseum bestaat sinds 1 januari. Niet fysiek, want op een eigen ruimte zal waarschijnlijk tot 2007 moeten worden gewacht. Maar de activiteiten lopen al wel. Die worden opgezet vanuit het Regionaal Archief Tilburg, waar Peeters (sinds 1 januari tevens gemeentearchivaris) werkt. Met behulp van de activiteiten wil het museum de eerste jaren het draagvlak in de stad onderzoeken. "We zullen ook gericht enquêtes houden onder de bevolking. Verder willen we de mensen in de stad ideeën laten aandragen. Met als uitgangspunt: vanuit de actualiteit aansluiting zoeken met het verleden van Tilburg", aldus Peeters. 

Kruikezeikers

Op 15 februari manifesteert het Stadsmuseum Tilburg zich op de Kruikezeikersdag in het Nederlands Textielmuseum. Daar wordt een tentoonstelling aan dit fenomeen uit het textielverleden gewijd. Tevens vindt er de presentatie plaats van een boekje over 'mythe en werkelijkheid' van de kruikenzeiker. Dit eerste Stadsmuseum Tilburg Cahier is geschreven door de journalisten Paul Spapens en Henk van Doremalen. 
Het publiek wordt op 15 februari ook warm gemaakt voor Tilburg verzamelt, een grote tentoonstelling van 12 juni tot en met 5 september in het textielmuseum. Iedereen die één of meer voorwerpen of een verzameling bezit die met de geschiedenis van Tilburg te maken hebben, kan die op die dag laten zien aan deskundigen. 
De door burgers ingebrachte voorwerpen, verzamelingen van Tilburgse bedrijven en instellingen en wat er in gemeentelijke gebouwen al aanwezig is zal op Tilburg verzamelt worden geëxposeerd. Samen met de Tilburgse Kunststichting werkt het stadsmuseum aan exposities over het gilde St. Sebastiaan en zijn kunstenaars (mei) en de Kunstzaal Donders (december), beide in het FAXX-gebouw. Het 60-jarige jubileum van de bevrijding van Tilburg wordt in oktober luister bijgezet met een tentoonstelling in de binnenstad. Ook bij die gelegenheid hoort de publicatie van een boek, aldus Peeters.