|
|
||
Nieuwsarchief
mei 2005
30
mei 2005
Monument voor verzetsstrijders in de Loonse en Drunense Duinen
Veertien verzetsstrijders werden op 26 mei 1944 in de Loonse en Drunense Duinen door de Duitsers gefusilleerd.
Op 26 mei 2005 werd vlakbij uitspanning Bosch en Duin een monument voor de veertien onthuld.
Tilburger Jan Schoenmakers had het verhaal over de verzetsstrijders die door de Duitsers in de Loonse en Drunense Duinen om het leven waren gebracht regelmatig van zijn vader gehoord. Veertien jongemannen, twintigers en dertigers, waren op 24 mei 1944 berecht en twee dagen later, op 26 mei, in de duinen gefusilleerd. Het verhaal liet Schoenmakers niet los. Na het lezen van een krantenartikel, dat eindigde met een oproep om de veertien mannen nooit te vergeten, wist hij wat hem te doen stond: er moest een monument voor hen komen. Vanaf 2001 heeft Schoenmakers zich ingezet om dat te bewerkstelligen. En
op 26 mei 2005 was het zover en werd de gedenksteen door kunstenares Riki Mijling ontworpen gedenkteken onthuld. Een stalen raster van twee bij vier, met in het midden een zwerfkei met daarop een schaal. Het raster heeft dezelfde afmetingen als de twee kuilen waarin de lichamen van de verzetsstrijders neervielen. Naast het raster bevinden zich vier zwerfkeien met daarop de veertien namen. De zwerfkeien hebben een symbolische waarde, vertelt Schoenmakers:
"De lichamen van de mannen zijn nooit gevonden. Zij zwerven als het ware nog steeds door de
duinen."
"Velen kunnen nog steeds niet door de duinen gaan zonder stil te staan bij wat zich hier heeft
afgespeeld", vertelt Marie-Colette van Spaendonck, die zich bij Schoenmakers had aangesloten om het monument tot stand te brengen, tijdens haar toespraak bij de onthulling. Van Spaendonck weet waar zij het over heeft: haar oom Rob van Spaendonck was een van de veertien verzetsstrijders.
"Ik ben ontzettend dankbaar voor wat al deze mensen hebben gedaan. En ik heb erg veel bewondering voor hun
moed", vertelt zij na afloop van het officiële gedeelte. "Ik vraag me
weleens af of ik hetzelfde zou kunnen opbrengen." Onder de aanwezigen bevonden zich veel nabestaanden van de omgebrachte verzetsstrijders. Toon Hage uit Sint Maartensdijk is een van hen. Zijn broer Jacob behoort tot de veertien mannen die werden omgebracht.
"Dit is een prachtig monument", zegt de bijna 82-jarige Hage. "Nu hebben we eindelijk een plek om naartoe te
gaan."
Bron: Brabants Dagblad van 27 mei 2005, 'Een plek om heen te gaan', door Jeroen Ketelaars





