Stichting tot Behoud van Tilburgs Cultuurgoed - Tijdschrift
14. Aankoop Tilburgse schilderijen
 

Titel:   

Aankoop Tilburgse schilderijen

Ondertitel:   

Auteur:   

Ronald Peeters

Jaargang:   

VIII (1990) Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur

Nummer:   

4

Pagina’ s:   

114-115


Het Noordbrabants Museum in 's-Hertogenbosch heeft van een Tilburgse particuliere verzamelaar een zevental werken aangekocht die voor de geschiedenis van Tilburg van grote betekenis zijn. Het betreft een topografische voorstelling, vijf portretten en een bloemstilleven van de uit Tilburg afkomstige Henriëtta Geertruij Knip. In het "Noordbrabants Museum Nieuws" (jrg. 6, nr. 22, juni 1990, p. 8-9) werd hierover gepubliceerd.

De topografische voorstelling is een anoniem omstreeks 1700 vervaardigd (olieverf op doek) gezicht op het huis Moerenburg. Volgens archiefgegevens was dit schilderij destijds in bezit van de familie Van de Mortel-Houben. Vanaf het begin van de zestiende eeuw tot 1648 werd Moerenburg bewoond door de norbertijnse pastoors van Tilburg. Het schilderij toont de situatie van het huis met fraai aangelegde tuinen op het moment dat het in bezit was van de staatse officier Philippe Claude de Saint Amant.

Mr. Diederik van Hogendorp (1754-1803) en zijn vrouw Margaretha de Munter (1752-1803) 
(foto's Iconographisch Bureau 's-Gravenhage; Coll. RHC Tilburg).


Vier geschilderde portretten zijn van de familie Van Hogendorp Van Hofwegen, en waren in 1969 nog in het bezit van een directe nazaat te Wassenaar. Ze stellen Gijsbert Steenbergensis (1729-1785), graaf van Hogendorp, heer van Hofwegen, Tilburg en Goirle en zijn echtgenote Jacoba Soetje Broncken (1730-1788) voor. Hij kocht in 1754 kasteel en heerlijkheid van Tilburg en Goirle. Omstreeks die tijd zijn de portretten vervaardigd (olieverf op doek). De twee andere portretten (crayon op papier) zijn van zijn zoon mr. Diederik Johan François van Hogendorp (1754-1803) en diens echtgenote Margaretha Johanna Munter (1752-1803). De familie Van Hogendorp is tot 1858 eigenaar van het kasteel gebleven, waarna het werd gesloopt.

Het vijfde portret is van Gerardus van Spaendonck (1746-1822) en het wordt toegeschreven aan Nicolas Antoine Taunay (1755-1830). Gerardus van Spaendonck was een bekend bloemschilder die veel furore maakte in Parijs.

Het museum verwierf ten slotte een aquarel, voorstellende een boeket bloemen in een vaas, vervaardigd door Henriëtta Geertruy Knip (Tilburg 1783-1842 Haarlem). Zij was een zuster van de bekende kunstschilder Josephus Augustus Knip (1777-1847), waarvan het Noordbrabants Museum al vele werken in bezit heeft.