Stichting tot Behoud van Tilburgs Cultuurgoed - Tijdschrift
369. Textielhistorische Bijdragen 39
 

Titel:   

Textielhistorische Bijdragen 39

Ondertitel:   

Auteur:   

Ronald Peeters

Jaargang:   

XVIII (2000) Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur

Nummer:   

1

Pagina’ s:   

30-31

 

Het jaarboek Textielhistorische Bijdragen 39 bevat een interessante bijdrage van Gerard van Gurp (p. 13-51) over de 'Proto-industrialisatie in Tilburg en Geldrop'. Onder proto-industrialisatie verstaat men de fase van de expanderende huisnijverheid van bovenregionale betekenis die in de zeventiende en achttiende eeuw voorafging aan de industrialisatie. Tilburg en Geldrop, waar wollen lakens voor verschillende markten werden geproduceerd, worden met elkaar vergeleken. In beide plaatsen bestond reeds lange tijd de huisnijverheid, die zich daar vermoedelijk had gevestigd vanwege de betrekkelijk onvruchtbare zandgrond in de Meijerij en die een sterke concurrentiepositie hadden met de lakennijverheid van bijvoorbeeld Den Bosch. Omdat de bewoners deels hun eigen voedsel verbouwden, namen ze genoegen met lage verdiensten. Ook hadden ze geen last van gildebepalingen. Tilburg kende een sterke bevolkingstoename als gevolg van de toenemende werkgelegenheid. Alle werkzaamheden moesten binnen Tilburg plaatsvinden omdat er een verbod was om de wol buiten Tilburg te verwerken. Sinds 1335 bestond er een verbod op lakenmakerij in de Meijerij, maar dit gold niet voor heerlijkheden met een andere heer dan de hertog van Brabant, zoals dat in Tilburg en Geldrop het geval was.
Tilburg kon zich vooral in de proto-industrialisatie ontwikkelen door de rol van de Staten van Holland en de Staten-Generaal. Tilburg had de concessie van niet-geverfde lakens op de markt in Holland en had ook een belangrijke export naar Zuidelijk Brabant.

De vroege geschiedenis van de Tilburgse textielnijverheid wordt de laatste jaren steeds vaker onderwerp van wetenschappelijk onderzoek. Auteurs als Leo Adriaenssen en Gerard van Gurp hebben recentelijk al enkele keren van zich laten horen in Textielhistorische Bijdragen (1998) en in het tijdschrift Tilburg (1998-1999). Belangrijke leemtes in de geschiedschrijving van Tilburg zijn daarmee opgevuld.
Margriet Winkelmolen, bibliothecaresse bij het Nederlands Textielmuseum in Tilburg, publiceert in dit jaarboek wederom een overzicht van 'Nieuwe textielhistorische literatuur' (p. 113-116).

Textielhistorische Bijdragen 39 (Hilversum, Verloren, 1999), 120 blz., ISBN 90-71715-12-0, f 40.