| 395. 200 jaar brandweer in Tilburg | |||
|
Titel: |
200 jaar brandweer in Tilburg |
|
Ondertitel: |
|
|
Auteur: |
ir. Rob van Putten |
|
Jaargang: |
III (1985) Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur |
|
Nummer: |
4 |
|
Pagina’ s: |
3-64 |
2a. Bijzondere branden, 1900-1939
1900
Zaterdag 19 mei, ca. 12.30 uur. Leerlooierij van P. Baeten aan het Lijnsheike
afgebrand.
1901
Dinsdag 13 augustus, ca. 17.00 uur. Zes woningen aan de Koningshoeven
door brand verwoest.
1902
Donderdag 20 maart, ca. 18.30 uur. Grote uitslaande brand in de
wollenstoffenfabriek Gebr. Franken, Goirkestraat 80. Een groot deel van
de fabriek werd verwoest, de weverij en een naastgelegen woonhuis konden
behouden worden. Van de naastgelegen school brandde de bovenverdieping uit.
1902
Zondag 6 juli, ca. 01.30 uur. Wollenstoffenfabriek Pol. Lombarts, Stationsstraat
53, door brand verwoest.
1904
Woensdag 25 mei, ca. 21.00 uur. Mattenfabriek van A. Baeten aan het Lijnsheike
door brand verwoest.
1905
Woensdag 23 augustus, ca. 20.30 uur. Grote uitslaande brand in de ijzergieterij
W. van der Schoot aan de IJzerstraat 16.
1907
Dinsdag 5 november, ca. 19.45 uur. Een grote uitslaande brand legt de
graandrogerij van de meelfabriek H. Bruijelle aan de Spoorlaan in de as.
1908
Woensdag 15 januari ca. 18.00 uur. Grote uitslaande brand wollenstoffenfabriek G.
Bogaers aan de Tuinstraat.
1908
4 maart, ca. 21.00 uur. Grote uitslaande brand in de sigarenfabriek Poort &
Simonis aan de Tuinstraat.
1908
Zaterdag 3 oktober, ca. 22.15 uur. Grote uitslaande brand in de
wollenstoffenfabriek F.A. Swagemakers aan de Heuvel.
1908
Zaterdag 29 november, ca. 01.30 uur. Grote uitslaande brand in de woningen Van
Empel, Klijsen en Voskens aan de Heuvel. Het pand, bewoond door Voskens
was het bekende café ‘De Roskam'.
1909
Dinsdag 2 november, ca. 18.45 uur. Wollenstoffenfabriek Van Gorp-De Wijs aan de Magazijnstraat
grotendeels door brand verwoest. Alleen de weverij en een magazijn konden worden
behouden.
1910
Dinsdag 24 maart, ca. 00.15 uur. Een grote uitslaande brand verwoest de winkel
met magazijnen van Albert Heijn aan de Heuvelstraat 21/21 a. Van het
tegenoverliggende modemagazijn van de fa. G. Meelis (thans C & A) sprongen
alle ruiten, bovendien liep dit pand veel waterschade op.
1911
Geheel lyrisch werd de journalist van de Nieuwe Tilburgsche Courant bij het zien
van de brand in de wollenstoffenfabriek Swagemakers-Bogaerts aan de Telegraafstraat,
op woensdag 26 juli: ‘Gisterenavond heeft hier ter stede weer eens een
brand gewoed, in hevigheid en felheid zoo sterk, een aanblik biedend zoo
imposant en grootsch, dat we vele jaren moeten teruggaan om z'n weerga te
vinden. 't Was goed tien uur; de stad lag stil en kalm in de frissche
avondkoelte te rusten en uit te luchten van haar loomheid, welke haar op den
dag, die zoo drukkend warm was, bevangen had, toen zij in haar rust werd
opgeschrikt door een angstwekkend brandalarm.' Voor de bestrijding van deze
brand werden de kringen 1 t/m 7 ingezet. Men kon echter niet voorkomen dat de
fabriek geheel uitbrandde.
1912
Woensdag 7 februari, ca. 21.30 uur. Tijdens een filmvoorstelling ontstond er
brand in de achterzaal van bioscoop Villa Nova, Heuvel 12. De ongeveer
100 aanwezige toeschouwers konden gelukkig zonder paniek de zaal verlaten. De
zaal brandde geheel uit, het bijbehorende café liep veel waterschade op. De
brand was ontstaan door oververhitting van nitrocellulosefilm.
1912
Dinsdag 27 februari, ca. 01.00 uur. Leerlooierij en drijfriemenfabriek W. Vos
& Co. aan de Goirkestraat door brand verwoest.
1912
Zaterdag 23 maart, ca. 00.15 uur. Grote uitslaande brand in de kunstwolfabriek
Ferd. Hoosemans, Van Gilsstraat hoek Zwijsenstraat.
1912
Vrijdag 28 juni, ca. 21.30 uur. Wollenstoffenfabriek Karel Lombaers & Co., Veemarktstraat
8 door een grote brand getroffen. Alleen het kantoor en de magazijnen konden
behouden worden.
1912
Maandag 16 september, ca. 23.15 uur. Een grote uitslaande brand legt de
wollenstoffenfabriek H.F.C. Enneking aan de Kasteeldreef 89 in de as.
1913
Maandag 5 mei, ca. 20.15 uur. Wollenstoffenfabriek Moonen & Van Eijl, Zwijsenstraat
12 door een grote uitslaande brand geheel verwoest.
1913
Zondag 7 december, ca. 15.00 uur. Een uitslaande brand legt een deal van de
sigarenfabriek Gebr. Sala aan de Stedekestraat in de (sigaren)as.
1916
Dinsdag 7 november, 07.30 uur. Grote uitslaande brand in de wollenstoffenfabriek
André van Spaendonck, Koestraat 168. De brand was ontstaan in een selfactor
(spinmachine). Arbeiders hadden geprobeerd het vuur te blussen, maar bij gebrek
aan water moest men de bluspogingen staken. Inmiddels had het vuur zich zo snel
verspreid, dat de arbeiders moesten vluchten. Niemand had eraan gedacht de
brandweer te waarschuwen, dat gebeurde pas toen een buurtbewoner vlammen naar
buiten zag slaan. De opgeroepen slangenwagens no. 7, 8, 10, 11 en 12 gaven uit
vijf brandkranen met in totaal 8 stralen water. De brandweer stond voor een
hopeloze taak. Alle aandacht was er dan ook op gericht, de machinekamer, de
kantoren, magazijnen, de weverij en het naastgelegen woonhuis te behouden,
waarin men gelukkig slaagde. Het vier verdiepingen tellende gebouw waar de brand
was ontstaan ging geheel verloren. Tijdens het blussen was een deel ervan reeds
ingestort. Om 12.00 uur was men de brand meester; de nablussing duurde nog tot
tien uur 's avonds.
1916
Maandag 11 december, ca. 13.40 uur. Grote uitslaande brand in de
strohulzenfabriek Catalonië, Stedekestraat 48.
1919
Woensdag 30 juli, ca. 19.00 uur. Grote uitslaande brand in een wolmagazijn van
de wollenstoffenfabriek G. Bogaers, Tuinstraat 49. De brandweer had 12
stralen nodig om het vuur te blussen. De schade bedroeg ongeveer een half
miljoen gulden.
1920
Zondag 16 mei, ca. 14.30 uur. Leerlooierij Pessers-Verbunt aan de Van
Bijlandtstraat 39 uitgebrand.
1920
Zondag 1 augustus, ca. 03.30 uur. Grote uitslaande brand in een magazijn van de
wollenstoffenfabriek A & N Mutsaers, Gasthuisstraat hoek Pironstraat.
1920
Zaterdag 28 augustus, ca. 17.30 uur. Grote uitslaande brand in de
wollenstoffenfabriek W. Brands & Zn., Hoogvensestraat 178. Door deze
brand werden de weverij en een wolmagazijn verwoest.
1921
De laatste grote brand in Tilburg die werd geblust zonder de hulp van
autospuiten woedde in de nacht van maandag 10 op dinsdag 11 januari in een
gebouwencomplex, gelegen tussen de Spoorlaan en de Karrestraat. De
brand was ontstaan in een pakhuis van A. van de Port, dat was volgestouwd met
wol en kunstwol. Dit pakhuis lag pal achter het kantoor van de architekt C.F.
van Hoof aan de Spoorlaan 86. Het vuur sloeg al spoedig over naar een pakhuis,
in gebruik bij de fa. J. Brouwers Jzn. en de N.V. Zuid-Nederlandsche Veem.
Vervolgens sloeg het vuur over naar een magazijn van de fa. Van Wezel & Co.
aan de Karrestraat 15. Ook een achter de Spoorlaan gelegen magazijn van de
leerhandel M.L. Rosenberg ging in vlammen op. De brand werd omstreeks half drie
ontdekt door de commissaris van politle, L.H. Soentjens, toen die op
inspectietocht was in de Spoorlaan. Het duurde echter geruime tijd eer de brand
kon worden gemeld, want herhaalde pogingen om het telefoonbureau te bereiken
mislukten aanvankelijk. De brandweer, die met in totaal 8 kringen was uitgerukt,
wist door krachtig ingrijpen te voorkomen dat de woningen aan de Karrestraat een
de herenhuizen aan de Spoorlaan door het vuur werden aangetast. Omstreeks 05.00
uur kon het sein ‘brand meester' worden gegeven. De nablussing van deze
geweldige brand duurde nog tot 18 januari. De totale schade bedroeg twee miljoen
gulden.

11 januari 1921: zeer grote brand in een
aantal pakhuizen tussen de Spoorlaan en de Karrestraat. Op de
achtergrond de herenhuizen aan de Spoorlaan. (Coll. RHC Tilburg).
1921
Donderdag 14 juni, ca. 21.45 uur. Grote uitslaande brand in de leerlooierij
en drijfriemenfabriek W. Vos & C., Goirkestraat 111. Bij deze brand
is voor het eerst een der Delahaye autospuiten ingezet.
1922
Zaterdag 8 april, ca. 20.00 uur. Bovenverdieping van het hoofdgebouw van J. van
Arendonk's schoenfabrieken aan de Korvelseweg 110 uitgebrand.
1924
Maandag 21 juli, ca. 01.00 uur. Meubelfabriek P. Kennis & Zn., Enschotsestraat
75 door brand verwoest.

Demonstratie met het nieuwe brandweermaterieel
op de Markt,
17 maart 1930. (Coll. RHC Tilburg).
1926
Donderdag 6 mei, ca. 04.45 uur. Grote uitslaande brand bij de oliehandel Van
Vollenhoven en Smulders aan de Nieuwlandstraat 41. Deze felle brand, die
een groot gevaar opleverde voor de omliggende percelen, werd geblust met 12
stralen.
1927
Zaterdag 16 april, ca. 04.00 uur. Grote uitslaande brand in de kunstwolfabriek
J.A. Berghegge, St. Josephdwarsstraat 1.

De brandweer in aktie tijdens de brand bij de
firma Berghegge aan de St. Joseph-
dwarsstraat op 16 april 1927.
1929
Vrijdag 22 maart, ca. 20.00 uur. Grote uitslaande brand in een wolmagazijn van
de wollenstoffenfabriek Van Dooren en Dams, Korvelplein 8.
1929
Zaterdag 25 mei, ca. 20.30 uur. Grote uitslaande brand in de
wollenstoffenfabriek Pessers-Van Zuijlen, Kuiperstraat 5. Een wolmagazijn
brandde geheel uit, de eronder gelegen weverij liep veel waterschade op.
1929
Woensdag 29 mei, ca. 01.00 uur. Een grote uitslaande brand legt de boxlooierij
van de fa. J. van Arendonk aan de Nieuwstraat 230 in de as.
1930
Zondag 6 april, 00.45 uur. Grote uitslaande brand in de schoenfabriek van de fa.
Broekman, Diepenstraat 63.

L. Esbach, foto 1930. (Coll. RHC Tilburg).
1930
Dinsdag 23 september, 21.05 uur. Timmerfabriek Stevens aan het Julianapark
door brand verwoest.
Donderdag 13 november, 01.30 uur. Grote uitslaande brand in de stoomschoenfabriek v/h L. de Beer, Goirkestraat 10.
1931
Vrijdag 3 juli, ca. 15.30 uur. Doordat twee jongens hun tabakspijp met benzine
wilden schoonmaken, ontstond er brand in de confectiefabriek Gebr. Mutsaers, Zuid-Oosterstraat
71. Het vuur greep zo snel om zich heen, dat de meisjes die werkzaam waren
in de stikkerij op de eerste verdieping, zich via de noodtrap in veiligheid
moesten brengen. Het bedrijf brandde geheel uit. De schade bedroeg ca. f
100.000,-.

Commandant Haarselhorst, temidden van enkele
leden van het kader. Van links naar rechts de heren:
Janssen, Van Rijswijk, Haarselhorst, Esbach, Van Raak en Wijman. Het voertuig
dat de heren tot decor
dient, is de Delahaye-autoladder. Dit voertuig heeft dienst gedaan tot 1954.
Duidelijk zichtbaar is de
ketting die de achteras aandrijft. Er was maar één richtingaanwijzer (midden
voor de chauffeursplaats).
Foto 1930. (Coll. RHC Tilburg).
1931
Woensdag 26 augustus, ca. 23.10 uur. Grote uitslaande brand in de elektrische
garenspinnerij ‘Tilburgia' aan de Houtstraat 158.
1931
Maandag 5 oktober, ca. 23.00 uur. Grote uitslaande brand in een magazijn van de
Nederlandsche Vlasspinnerij aan de Beukenstraat 75.
1931
Tragedie op de Heuvel
De meest tragische brand die ooit in Tilburg heeft gewoed, vond plaats op
dinsdag 29 december 1931. Bij deze brand, die woedde in café ‘De Valk' aan de
Heuvel 77, kwamen vijf personen om het leven. De brand werd ontdekt door
de nachtwaker van V & D, J. van Dooremaal, die vanaf de Heuvel vonken zag
opstijgen. Om 01.44 uur kwam de melding bij de brandweer binnen. Drie minuten
later rukte de eerste autospuit uit, onmiddellijk gevolgd door de tweede
autospuit en de autoladder. Voordat de brandweer arriveerde, was door omwonenden
reeds een poging gedaan om de boven het café wonende personen te redden. De caféhouder
heeft zich nog op het balkon vertoond. Op zijn hulpgeroep zijn de hotelhouder
Devenijns van het naastgelegen hotel De Lindeboom en een kelner naar buiten
gerend. De zich op het balkon bevindende man heeft geprobeerd een laken daaraan
vast te binden, terwijl de kelner een ladder omhooghield. Plotseling sprongen
echter beide grote spiegelruiten van het café, waarop de man zich van het
balkon terugtrok. Bij aankomst van de brandweer stond het perceel reeds in
lichterlaaie. Door de felle steekvlammen was het pand onmogelijk te benaderen,
zodat het pas na ongeveer een half uur blussen met 5 stralen, kon worden
betreden. Het waren de broers Jan en Frans van Poppel die het eerst
binnengingen. De slaapkamers werden doorzocht, er werd onder de bedden gekeken,
maar er was geen menselijk wezen te bespeuren. Plotseling hoorden ze echter een
zacht gekreun vanaf de overloop. Daar troffen ze de vijf slachtoffers aan. De
caf6houder Johannes Roelen (39) en zijn twee kinderen Wilhelmina (2,5) en
Johanna (0,5) waren reeds overleden, zijn echtgenote Adriana Roelen-Damen (25)
en de dienstbode Johanna Breeders (18) vertoonden nog zwakke tekenen van leven.
De moeder overleed direct na aankomst in het ziekenhuis, het dienstmeisje leefde
nog ongeveer twintig uur. Dat de temperatuur zeer hoog moet zijn geweest, bleek
o.a. uit het feit dat het glaswerk op het buffet en het glas in de bovenlichten
van de ramen aan de voorgevel voor een deel was gesmolten, en dat de puibalk
doorgezakt en naar buiten toe uitgebogen was. Aangenomen wordt dat de brand is
ontstaan door het omvallen van de kachel in het café. Op oudejaarsdag 1931
werden de vijf slachtoffers in Tilburg begraven. Naar aanleiding van deze ramp,
die dagenlang de gemoederen in Tilburg bezighield, werden enkele liederen
gemaakt.

De uitgebrande resten van het café De Valk
aan de Heuvel. De brand, die plaatsvond op 29
december 1931, kostte aan vijf personen het leven. (Coll. RHC Tilburg).
1932
Woensdag 18 mei, 01.48 uur. Grote uitslaande brand in de leerlooierij van J. van
Arendonk, Nieuwstraat 230.
1933
Op woensdag 25 januari werd de brandweer om 20.10 uur gealarmeerd voor een brand
in het gebouw van de fa. Dröge, groothandel in wollen stoffen, Willem-II
straat 6. Toen de brandweer arriveerde stond het hele gebouw reeds in
lichterlaaie. Al spoedig sloeg de brand over naar het pal erachter gelegen oude
fabrieksgedeelte van de meelfabriek A.C. van Loon, Spoorlaan 60. ‘De wind joeg
het brandende graan uit de silo als een vurige sneeuw over het centrum van de
stad, een verstikkende rook vulde de straten.' De felle vorst bemoeilijkte het
blussingswerk in ernstige mate. De straten waren herschapen in een ijsveld,
brandslangen vroren vast aan het wegdek. Twaalf stralen had de brandweer nodig
om de vuurzee te bedwingen. Omstreeks half elf was men de brand meester, de
nablussing nam nog enkele dagen in beslag.
1933
Dinsdag 25 april, 12.43 uur. Grote uitslaande brand in de wollenstoffenfabriek
Van Beurden-Kastofa, Kuiperstraat 31.

Brand in de wollenstoffenfabriek Kastofa-Gebr.
Van Beurden aan de Kuiperstraat op 25 april 1933.
(Coll. RHC Tilburg).
1933
Donderdag 8 juni, 03.15 uur. Met groot materieel moest de brandweer uitrukken
voor een uitslaande brand in de Stadsschouwburg, gevestigd in de voormalige
wollenstoffenfabriek van de Wed. De Beer, aan de Heuvel 105. Bij aankomst
sloegen de vlammen uit het dak van de grote hal voor de concertzaal. Met 8
stralen werd de brand bestreden. Na ruim twee uur blussen was men de brand
meester.
1934
Donderdag 16 augustus, 23.50 uur. Grote uitslaande brand in de leerlooierij en
drijfriemenfabriek W. Vos & Co., Goirkestraat 111.
1934
Woensdag 24 oktober, 20.50 uur. Tilburgsche Band- en Veterfabriek A.J. van Luijk,
Bredaseweg 9a door brand verwoest.
1934
Vrijdag 9 november, 20.06 uur. Grote uitslaande brand in de sigarenfabriek
‘Gulden Vlies', v/h G. Majole, Wilhelminapark 69. Door de enorme
rookontwikkeling moest er gebruik worden gemaakt van rookmaskers en
zuurstofapparaten.

De vaste kern van de brandweer in 1935. Van
links naar rechts: B. van Wees, W. van Poppel,
A. Verhoof, J. van Boxtel, Th. de Natris, C. van Erven, W. Geertjens, A. Schults.
(Coll. RHC Tilburg).
1936
Op dinsdag 21 juli werd om 11.16 uur een uitslaande brand gemeld in de boerderij
van P. Colen, Bokhamerstraat 13. Toen de brandweer arriveerde, stond de
gehele met riet gedekte boerderij reeds in brand. Door de sterke wind sloeg het
vuur over naar twee aan de overzijde van de straat staande woningen (no. 6 en
8), die eveneens met riet waren gedekt. Vervolgens raakten ook de verderop
gelegen woningen Bokhamerstraat 10 en 12 in brand. Van deze laatste woningen kon
een deel van de inboedel worden gered, de inboedels van de boerderij en de
andere woningen gingen echter geheel verloren. Omstreeks 13.00 uur was het
uitbreidingsgevaar geweken. Door de aan weerszijden van de boerderij staande
woningen nat te houden slaagde men erin deze te behouden.
1937
Dinsdag 6 juli, 10.45 uur. Een felle brand legt de met riet gedekte woningen Hasseltplein
1, 3, en 5 in de as. Bij het omvallen van een bouwvallige muur kwam
de brandwacht A. Verhoof onder een vallend stuk muur terecht, waarbij hij
zijn linkeronderbeen brak.
1937
Maandag 15 november, ca. 19.00 uur. Grote uitslaande brand in de magazijnen van
de meubelfabriek C. Dirks-Van Oers, Gasthuisstraat 1.
1937
Vrijdag 31 december, 20.45 uur. Grote uitslaande brand bij de N.V.
Nederlandsche Kamgaren Centrale aan de Lange Schijfstraat 107. Met 8
stralen werd het vuur bestreden.

Het automaterieel van de brandweer op het
kazerneterrein, juli 1931. Van links naar rechts: Ford-
vrachtauto, Delahaye-materieelwagen, kleine Magirus-autospuit,
Delahaye-autoladder, grote Magirus-
autospuit. (Coll. RHC Tilburg).
1939
Maandag 20 maart, 21.30 uur. Grote uitslaande brand in het dameshoedenmagazijn
met atelier en woonhuis van A. van Brunschot (voorheen fa. Daniels-Hamers), Heuvelstraat
97. De brand werd ontdekt door voorbijgangers die bij de naastgelegen winkel
van Pierson de brandweer alarmeerden. Op de mededeling van buurtbewoners dat er
zich in het pand nog vijf kinderen moesten bevinden, en dat de ouders niet thuis
waren, trapten enkele passanten de glazen winkeldeur in, stormden de trap op en
brachten de kinderen ongedeerd uit het huis. Toen kort daarop de brandweer
arriveerde sloegen de vlammen aan voor- en achterzijde al fel uit. Onmiddellijk
werd het vuur met een groot aantal stralen te lijf gegaan, maar ondanks alle
inspanningen kon niet worden voorkomen dat het gehele pand uitbrandde. Tijdens
de bluswerkzaamheden raakte hoofdbrandmeester Wijman vrij ernstig gewond.
Het ongeval gebeurde aan de achterzijde van het pand waar hij, waarschijnlijk
misleid door de duisternis, misstapte en van een platdak op een lager gelegen
glazen lichtkoepel viel. Gelukkig bleef hij op de ijzeren spijlen van de
lichtkap hangen. Nadat men hem met veel moeite op de begane grond had gekregen
werd hij naar het ziekenhuis vervoerd, waar bleek dat hij behalve talloze
snijwonden ook nog een hersenschudding had opgelopen. Het duurde geruime tijd
eer hij zijn werkzaamheden weer kon hervatten.

Het vast personeel en het personeel van de
vier motorkringen, opgesteld aan de achterzijde van het
kazernegebouw ('garage 2'). Boven deze garage zijn in 1945 de slaapzalen
gebouwd. Foto 1931.
(Coll. RHC Tilburg).
1939
Op dinsdag 26 december, tweede kerstdag, woedde er een grote uitslaande brand in
het City Theater, Heuvel 12 (thans The Gallery), die voor de melder van
de brand, de 39-jarige kassier van het theater, Pierre Dumoulin,
noodlottig zou verlopen. De melding kwam om 11.30 bij de brandweer binnen,
waarop met 2 autospuiten en de autoladder werd uitgerukt. "Bij aankomst
op de Heuvel joeg een dikke rook uit de hoofdingang naar buiten en felle vlammen
schroeiden reeds het theaterfront. Aan de achterkant sloeg vuur en rook uit het
gebouw." Vanaf de Heuvel en de Spoorlaan werd de brand met in totaal 12
stralen bestreden. Na ongeveer een uur was men de brand meester, de nablussing
nam nog drie uren in beslag. Toen het blussingswerk al enige tijd aan de gang
was, ontdekte een brandwacht in de hoofdingang, op enkele meters afstand van de
straat, het roerloze lichaam van de kassier. De GGD was snel ter plaatse, maar
het slachtoffer bleek reeds te zijn overleden. Voor de afzetting van het
brandterrein zorgde een groep militairen, terwijl een aantal van hen ook actief
aan het blussingswerk deelnam.




