Stichting tot Behoud van Tilburgs Cultuurgoed - Tijdschrift
395. 200 jaar brandweer in Tilburg
 

Titel:   

200 jaar brandweer in Tilburg

Ondertitel:   

Auteur:   

ir. Rob van Putten

Jaargang:   

III (1985) Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur

Nummer:   

4

Pagina’ s:   

3-64


3a. Branden tijdens de oorlogsjaren



1940
Vrijdag 10 mei 1940. Nederland was in oorlog. Die eerste oorlogsdag werd Tilburg 's middags omstreeks 16.30 uur getroffen door een Duits bombardement. Alleen al in de bebouwde kom kwamen 11 brisantbommen neer, waarvan één blindganger. Er werd die dag vijf maal luchtalarm gegeven. De volgende dag werd Tilburg wederom door Duitse vliegtuigen gebombardeerd. Ditmaal kwamen in de bebouwde kom twaalf bommen neer. Achttien keer werd luchtalarm gegeven. Op zondag 12 mei, eerste pinksterdag, werden door een kennelijk in nood verkerend Frans vliegtuig twaalf bommen afgeworpen.
Door de oorlogshandelingen op 10, 11 en 12 mei werden 21 burgers en 9 militairen gedood, vier burgers werden zwaar gewond, waarvan er later twee aan hun verwondingen bezweken.



Het door bommen getroffen ketelhuis van de fa. Van den
Bergh-Krabbendam aan de St. Josephstraat, 13 mei 1940.
(Coll. RHC Tilburg).

Op 13 mei moest de brandweer assistentie verlenen toen omstreeks 11.15 uur het ketelhuis van de wollenstoffenfabriek Van den Bergh-Krabbendam aan de St. Josephstraat door drie brisantbommen werd getroffen.
Op zaterdag 7 december moest de brandweer uitrijden naar de Korvelseweg, alwaar een bominslag had plaatsgevonden.
Woensdag 25 december 1940, ca. 01.10 uur. Een grote uitslaande brand verwoest een magazijn met ca. 50.000 lege meelzakken van graanhandel Schraven-Eijsbouts aan de Piushaven 56.

1941
Op dinsdag 7 januari 1941 woedde er een grote uitslaande brand bij J. Brouwers' Lakenfabrieken aan de Korte Schijfstraat. De brand, die om 20.55 werd gemeld, woedde in een uit vijf bouwlagen bestaand fabrieksgebouw, dat geheel uitbrandde. Zestien stralen waren nodig om de geweldige vuurzee te bedwingen. Door de felheid van de brand alsmede door de ‘verduistering' was de vuurgloed tot in Breda en 's-Hertogenbosch te zien. Als gevolg van het vele vliegvuur ontstonden er een aantal kleine brandjes in de omgeving, die echter snel geblust konden worden.

1942
Om 01.30 uur in de nacht van donderdag 30 op vrijdag 31 juli 1942 werd een groot deel van Tilburg opgeschrikt, toen door een Brits vliegtuig van geringe hoogte vier bommen van elk 225 kg neergeworpen werden op de hoek van de Hoogvensestraat en de St. Josephstraat (thans Prinsenhoeven). Drie bommen ontploften en een werkte als een z.g. ‘blazer', d.w.z. de bom explodeerde slechts bij de ontsteking en werkte daardoor als een raket, die 60 meter verder neerkwam en uitbrandde zonder verdere schade te veroorzaken. Bij dit ongeval vonden twee personen de dood, vier werden zwaar gewond, waarvan er een na twee dagen overleed. Vier personen raakten licht gewond. De door de explosie veroorzaakte schade was enorm, vier woningen werden geheel verwoest, tien woningen en een werkplaats werden ernstig en zeven woningen licht beschadigd. Glasschade was er aan tientallen woningen en aan enkele bedrijven. Vijftien gezinnen, in totaal 64 personen, moesten evacueren.



De verwoeste panden aan de St. Josephstraat. Foto 31 juli 1942. (Coll. RHC Tilburg).

In 1942 moest de Tilburgse brandweer op last van de Rijksinspectie van het Brandweerwezen vier maal voor assistentie uitrukken naar andere gemeenten, namelijk in de middag van vrijdag 17 april naar Sprang-Capelle, waar aan de Heistraat in anderhalf uur tijd 21 boerderijen afbrandden, op dinsdag 28 april naar Vught, waar drie villa's en een landhuis in brand stonden, op dinsdag 6 oktober naar Geleen, dat door een zwaar bombardement was getroffen, en op zondag 6 december naar Eindhoven, dat eveneens door een bombardement getroffen was.

1943
Zaterdag 10 april, ca. 15.10 uur. Grote uitslaande brand in een magazijn van de schoenfabriek Mannaerts aan het Lijnsheike 176 (thans Oude Lind).

1944
Op zaterdag 8 juli 1944 stortte om 23.45 uur een Duitse bommenwerper neer op het pand Van Hogendorpstraat 135 (nabij de hoek Hasseltstraat), waarna een grote brand uitbrak. De vijf bewoners van het pand, de kapper Alphonsus Somers (30), zijn drie kinderen Petronella (10), Alphonsus (8) en Helena (2) en de dienstbode Mechelina Hersmus, kwamen hierbij om het leven. Het pand Van Hogendorpstraat werd geheel verwoest, de panden 133 en 131 brandden uit, terwijl pand 129 veel waterschade opliep.
Eerst op 10 juli vond men tussen de puinhopen het lijk van de dienstbode, evenals delen van de lijken van drie Wehrmachtsoldaten, de inzittenden van het vliegtuig. Twee magnetische mijnen van ca. 750 kg, afkomstig van het vliegtuig, waren neergekomen achter de leerfabriek van Bern. Pessers aan de Van Bijlandtstraat, op ongeveer 140 meter van de plaats van het ongeval.
Dinsdag 5 september 1944 was de dag die de geschiedenis zou ingaan als ‘Dolle Dinsdag'. De wanordelijke terugtrekking van de Duitsers, met in hun kielzog N.S.B.-ers en andere nazi-sympathisanten, een gevolg van de snelle opmars van de geallieerden, vond in Tilburg al een dag eerder plaats. Het is dan ook niet onredelijk om in dit geval te spreken van een ‘Dolle Maandag'. ledereen koesterde de hoop, dat de oorlog nu wel snel ten einde zou zijn; het zou echter nog bijna twee maanden duren eer Tilburg werd bevrijd.

Bij hun overhaaste vlucht op maandag 4 september staken de Duitsers de door hen gebruikte houten barakken aan de Ringbaan West in brand, en bliezen ze twee door hen gebruikte villa's aan de Bredaseweg op. Omwonenden staken de Duitse paardenstallen aan de Tongerlose Hoefstraat (thans dr. Ahausstraat) in brand. De volgende dag stelde de Ortskommandant (de Duitsers waren dus nog lang niet allemaal vertrokken) de gemeente verantwoordelijk voor het ontsteken van dit voortijdig vreugdevuur, en legde de gemeente een boete op van f 75.000,-. Toen de boete betaald werd, bleek die plotseling verhoogd tot f 79.200,-.

Aan het dagrapport van de brandweer van dinsdag 5 september 1944 (het enige dagrapport dat uit de oorlogsjaren bewaard is gebleven) ontlenen we het volgende:
02.15 uur: Brand in de Coop. Ververijen aan de Koningshoeven, in gebruik als opslagplaats voor de Wehrmacht. Met 2 stralen op de waterleiding geblust. Om 16.30 uur moest de kring Koningshoeven uitrukken omdat het vuur weer opgelaaid was.
07.45 uur Kleine binnenbrand na een explosie in een bij de Wehrmacht in gebruik zijnde zusterschool aan de Jan van Galenstraat. Met enkele emmers water geblust.
De brandweer, die op 4 september al was uitgerukt voor het blussen van een brand in de door de Wehrmacht gebruikte villa's Bredaseweg 344 en 346, werd om 15.12 uur wederom gealarmeerd voor een brand in deze villa's. Met één slang werd afgelegd, maar omdat er telkens vrij hevige explosies plaatsvonden bleef de brandweer op de nodige afstand. Beide villa's brandden geheel uit.
Om 18.00 uur kwam het bericht binnen dat een boom in brand stond tegenover de hierboven genoemde villa's. "Twee manschappen beroepsbrandweer met bakfiets, standstuk en slangen uitgerukt. Terug om 18.30."
Nabij het NOAD-terrein aan de Industriestraat (ongeveer ter hoogte van de flats aan de noordzijde van de Hart van Brabantlaan) waren in de lucht opgeslagen materialen van de Wehrmacht in brand gestoken. Met 1 straal op de waterleiding hebben de gehele dag twee manschappen van de beroepsbrandweer wacht gehouden, om te voorkomen dat het vuur zou overslaan.

Op vrijdag 15 september bombardeerden geallieerde vliegtuigen het station en omgeving. Hierbij vielen een dode, twee zwaar en acht licht gewonden. De brandweer moest tweemaal uitrukken, namelijk naar de Spoorlaan 144-146 en de Noordstraat 41.



De Centrale Werkplaats van de Nederlandse Spoorwegen, door de Duitsers in brand gestoken;
22 september 1944. (Coll. RHC Tilburg).

Op de avond van vrijdag 22 september wordt de Centrale Werkplaats van de Nederlandse Spoorwegen door de Duitsers opgeblazen, waarbij een grote uitslaande brand ontstaat. Tot laat in de avond van de 23e september gingen de Duitsers door met hun vernielingen. De uitgerukte brandweer kreeg van de Duitsers geen toestemming de brand te blussen.

Woensdag 25 oktober 1944. Het dagrapport van de L.B.D. meldt: '118.45 Uitslaande brand in richting Broekhoven. Doorgemeld aan brandweer.' Het bleek dat er, als gevolg van oorlogshandelingen, zes boerderijen in brand waren geraakt, namelijk twee aan de Broekstraat, twee aan de Oisterwijksebaan en twee aan de Bosscheweg. Daar het gebied strijdgebied was, kon de brandweer geen hulp verlenen.
Donderdag 26 oktober. Door de Duitsers wordt brand gesticht in de boerderijen van J. Huijbrechts aan de Enschotsestraat 3 (thans Kap. Nemostraat) en van A.M. Schoenmakers aan de Nieuw Lovenstraat 313 (thans Nautliusstraat). Een brandweerploeg onder leiding van brandmeester B. Donders wilde de branden gaan blussen, maar het wijkhoofd gaf het advies niet ter plaatse te gaan, daar het levensgevaarlijk was.



De brand bij houthandel Key  aan het Wilhelminakanaal op 27 oktober 1944. (Coll. RHC Tilburg).

Vrijdag 27 oktober, de dag van Tilburg's bevrijding. 14.35 uur. Wijkhoofd Kennekens meldt "Groenstraat gebombardeerd, vele slachtoffers, uitslaande brand in kinderwagenfabriek Mutsaers, geblust door hulpbrandweer."

Een der laatste wandaden van de wegtrekkende Duitsers was het in brand steken van een loods van de houthandel Key aan de Bosscheweg 249. De brand werd tegen drie uur 's middags ontdekt, nagenoeg op hetzelfde moment dat de Engelse troepen vanaf de Bosscheweg de Ringbaan Oost op kwamen rijden. De brand werd geblust door de hulpbrandweer van de post Ringbaan Oost onder leiding van de heer Esbach. De motorspuit was opgesteld bij het zwembad. Twee blokploegen van de L.B.D. en enkele passanten verleenden assistentie bij het blussingswerk. Later namen ook Engelse soldaten daaraan deel. Omstreeks zes uur was het blussingswerk nagenoeg ten einde en bleek de schade beperkt te zijn gebleven tot één loods.