| 438. Laureyns Mutsaerts en zijn nazaten | |||
|
Titel: |
Laureyns Mutsaerts en zijn nazaten |
|
Ondertitel: |
|
|
Auteur: |
|
|
Jaargang: |
XIII (1995) Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur |
|
Nummer: |
1 |
|
Pagina’ s: |
28-29 |
Het was wel een merkwaardige gebeurtenis die 28e oktober 1994. In de nieuwe raadszaal van het stadhuis waren vele tientallen genodigden bijeen voor de presentatie van het boek van Cor van Osch. Zij hadden nagenoeg allen een ding met elkaar gemeen: hun familienaam luidde Mutsaer(t)s. En Van Osch had twintig generaties van die familie genealogisch gerangschikt in een fors en fraai ogend gebonden boek. De 'familie' zat trots te wezen; ze stonden er allemaal in.
Na zijn boek over het geslacht Van Osch, begon Cor van Osch aan de uitgave van de stamboom van moederszijde, de familie Mutsaer(t)s. Zoals met de meeste genealogische studies het geval is, voldoet ook deze aan het beeld van de goedbedoelde amateur-genealoog die het resultaat van langdurig onderzoek in een boek heeft vastgelegd. Het wemelt er van de namen en jaartallen, achtergrondinformatie ontbreekt in de meeste gevallen, en men komt niet verder dan gortdroge opsommingen. Dat blijkt inherent te zijn aan genealogische publikaties, uitzonderingen daargelaten (bv. de in
Tilburg, 1993, p. 86 besproken genealogie Pijnenburg en Van den Brekel).
Van Osch nam als uitgangspunt voor zijn studie het destijds in beperkte oplage verschenen boekje van L. Langeweg
Het geslacht Mutsaerts te Tilburg 1450-1960, waaruit hij dan ook veel overschrijft, zeker wat betreft de informatie over abt Nicolaas Mutsaerts (1530-1608) en proost Gisbertus Mutsaerts (1598-1668). De op p. 55 en 56 gegeven toelichting op de persoon van Dionysius Mutsaerts (1578-1635) lijkt, zonder dat overigens met een bron aan te geven, uit een oud standaardwerk in oude spelling notabene letterlijk te zijn overgenomen. Hij had dit op zijn minst in eigen bewoordingen kunnen samenvatten. Dat hij ook geen 'tijd' of mogelijkheden had om in het eerste hoofdstuk over de geschiedenis van Tilburg enig literatuuronderzoek te verrichten, blijkt wel uit het verhaal Tilburg en Oisterwijk dat hij in vijf bladzijden afdoet met één letterlijk en lang uitgevallen citaat uit het boek
700 jaar Smulders in Brabant van J.J. Smulders (1993). Een voor dit Mutsaerts-boek nietszeggende zin 'bij deze herdgang (Loven) hebben enkele oude Smulders-generaties gewoond' blijft dan in zo'n citaat zitten.
In de verwerking van de gegevens had een tweetal potsierlijke en storende zaken best voorkomen kunnen worden. Ik zie dat Van Osch zijn gegevens blijkbaar geautomatiseerd met het genealogische HAZADATA-systeem heeft verwerkt. Dan krijg je bijvoorbeeld twintig keer op een bladzijde te lezen dat Tilburg in Noord-Brabant ligt, of je krijgt curieuze berekeningen van alle leeftijden van personen in jaren en dagen, of rare schattingen als 'geboren tussen 1914 en 1954' (p. 276) en ene Jan Willem Jan Mutsaerts die in '1620 trouwde op 80- tot 110-jarige leeftijd met Katharina Jan Smulders (34 jaar tot 43 jaar oud)' (p. 39).
Het boek Laureyns Mutsaerts en zijn nazaten in 20 generaties 1370-1994 is op zich een aardige aanvulling op de genealogische literatuur van Tilburgse families. Zeker de familie Mutsaer(t)s, die eeuwenlang de wortels in Tilburg heeft, verdiende een uitvoerige studie. Volgens het Brabants Dagblad van 22 oktober 1994 heeft hij er ruim een jaar aan gewerkt. Ik hoop dat het voldoende is geweest om zoveel gegevens 'bewijsbaar' aan elkaar te koppelen om dit boek als genealogisch standaardwerk te kunnen hanteren.
Cor van Osch, Laureyns Mutsaerts en zijn nazaten in 20 generaties
1370-1994, Schoorl, Uitgeverij Pirola, 1994, 352 blz., geb., geïll., ISBN 90-6455-176-6,
f 57,50.




