Stichting tot Behoud van Tilburgs Cultuurgoed - Tijdschrift
555. Stoffelijke herinneringen aan een nog altijd populaire Tilburger
 

Titel:   

Stoffelijke herinneringen aan een nog altijd populaire Tilburger

Ondertitel:   

Peerke’s devotionalia

Auteur:   

Paul Spapens*

Jaargang:   

XX (2002) Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur

Nummer:   

1

Pagina’ s:   

13-24


Van Peerke Donders bestaan nog veel stoffelijke herinneringen als beelden, schilderijen, relikwieën en het bedevaartcomplex in Tilburg-Noord. Paul Spapens maakte in Tilburg en daarbuiten een inventarisatie van Peerke’s devotionalia. Over een op een rommelmarkt teruggevonden schilderij, een beeld dat geen Peerke mocht heten, een melaatsenhutje in de Goirkese kerk, melaatsen-krokodillen en andere wonderlijke zaken. 


In het boek Tilburg in Beeld 1945-1980 van Ronald Peeters staan op pagina 66 twee foto’s boven elkaar.(1) De ene foto is gemaakt in april 1975, de andere twee maanden later. De eerste foto laat de Noordhoekse kerk zien terwijl deze nog volledig intact is. Een schitterend gebouw, ontworpen door de vermaarde kerkenbouwer Pierre Cuypers. Op de tweede foto is het Oisterwijkse bedrijf Van Rijsewijk bijna klaar met de sloop van de Noordhoekse kerk, waarvoor de eerste steen is gelegd op 11 april 1897 door bouwpastoor prof. dr. George van Zinnicq Bergmann wiens naam voor eeuwig verbonden is met de in 1901 in deze kerk gepleegde moord op Marietje Kessels. 

Van deze sloop was de Tilburgse aannemer Adriaan Michielsen (1929) als zoveel andere Tilburgers getuige.(2) Hem ging de teloorgang zo aan het hart dat hij de aannemer vroeg of hij een paar glas-in-loodramen mocht verwijderen. Deze zouden anders toch aan gruzelementen gaan.(3) Hij kreeg de toestemming en toen hij daar zo mee bezig was en eens een keer door de kerk liep, werd hij getroffen door een glas-in-loodraam voorstellende Peerke Donders met een paar melaatsen. Het maakte deel uit van een meer dan tien meter hoog raam. “’Potverdorie, Peerke Donders’, dacht ik, en ik vroeg of ik ook dat raam mocht hebben. ‘Gerust’, zei de aannemer.” 


Glas-in-loodraam met de voorstelling van Peerke Donders in de Noordhoekse kerk. 
(coll. RHC Tilburg).

Meer dan 25 jaar later haalt Michielsen met gemak deze herinneringen op. Over hoe hij niet langs de ladder naar een hoogte van veertien meter durfde te klimmen en hoe hij de hulp inriep van zijn zoon Gerrit bijvoorbeeld. Maar er is dan ook een directe aanleiding om stil te staan bij de redding van het door de beroemde glazenier Joep Nicolas uit Roermond vervaardigde raam. Op 19 januari zegende de bisschop van Den Bosch de nieuwe kerk Petrus Donders aan de Enschotsestraat in. Het raam heeft in deze kerk een nieuwe bestemming gevonden. Het is door de familie Michielsen in bruikleen gegeven en ter gelegenheid van deze nieuwe bestemming opnieuw gelood.(4) Voor Adriaan Michielsen en zijn vrouw Leentje is daarmee een wens in vervulling gegaan. Beiden zijn vereerders van Peerke Donders, wat onder meer tot uiting is gekomen in de naamgeving van hun twee zonen en een dochter; alle drie de kinderen hebben Petrus als tweede of als derde voornaam. Het raam is al die tijd in drie stukken op zolder opgeslagen geweest. 


Relikwie en schilderij

De nieuwe Petrus Donders-kerk is het bedehuis van de gelovigen van de parochie De Vlaspit, waarin vier vroegere parochies zijn samengegaan: Besterd, Groeseind, Hoefstraat en Loven.(5) De op 1 januari 2002 in gebruik genomen kerk is volgens Theo te Wierik msc, lid van het pastoraal team, naar de zalige Peerke genoemd omdat hij “een échte Tilburger was, er nog geen kerk naar hem was vernoemd en we destijds veronderstelden dat er in Tilburg geen nieuwe kerk meer zou worden gebouwd”, aldus Te Wierik.(6) De nieuwe kerk aan de Enschotsestraat bood dus de kans de naam van de nog immer populaire Peerke Donders daaraan te verbinden. Ondertussen heeft de bisschop ook toestemming gegeven voor de bouw van een nieuwe kerk voor de Emmaus-parochie in stadsdeel De Reeshof. Deze is nu gevestigd aan de Groenlostraat. Waar het nieuwe kerkgebouw wordt neergezet, is nog niet bekend.

 Het bronzen kunstwerk van Peerke Donders van pater G. Mathot 
in het redemptoristenklooster van Nijmegen. Ditzelfde beeld is 
ook aanwezig in de kloosters van Wittem en Roosendaal. 
(coll. RHC Tilburg).


Het is logisch dat de nieuwe Petrus Donders-kerk een relikwie van de zalige krijgt en daarin is volgens pastor Te Wierik voorzien dank zij een gift van een parochiaan. Hij schonk een in een zilveren doosje vervatte relikwie. Die is geplaatst in een speciaal voor dit doel in de altaarsteen gemaakte uitsparing. Het altaar is afkomstig uit de kerk van de H.H. Martelaren van Gorkum van de Besterd. Het zogeheten altaargraf, waarin een relikwie van een van deze Martelaren is opgeborgen, is in stand gebleven. Naast dit relikwie en het glas-in-loodraam heeft de nieuwe kerk nog een derde stoffelijke herinnering aan Peerke Donders: een schilderij van de zalige. Dit schilderij heeft een wonderlijke achtergrond.(7) Het was in het bezit van een Amsterdamse familie. Deze bood het begin 2001 aan aan de Peerke Donders Vereniging. Op dit aanbod werd te laat gereageerd. Kort nadien werd het ontdekt op een rommelmarkt in Den Haag. Een inspecteur die deze oorden bezoekt om gestolen kunst te traceren, trof het daar aan. Het schilderij werd gekocht voor f 300,- en zo kwam het alsnog bij de vereniging op de pastorie van de Heikant terecht. Omdat men voor de nieuwe Peerke Donders-kerk op zoek was naar een beeld van de zalige, werd dit schilderij geschonken in plaats van het beeld. Het schilderij is een geschilderde kopie van het bekende schilderij van A. Windhausen. Peerke Donders is op het schilderij alleen afgebeeld. Met zijn gevouwen handen omklemt hij een kruis. ‘De tengere figuur straalt een subtiele levenskracht uit’, schreef J. Dankelman CssR in zijn standaardwerk Peerke Donders; schering en inslag van zijn leven.(8)

Parochie en café

De Heikant is de parochie die de zorg heeft over het bedevaartsoordje van Peerke Donders sinds de redemptoristen te weinig in getal zijn om daar nog mee bezig te zijn. Zeven jaar geleden is het secretariaat van de Petrus Donders Vereniging overgebracht van het redemptoristenklooster Nebo in Nijmegen naar de pastorie van de Heikant.(9) In dit klooster herinnert alleen nog een levensgrote bronsplastiek aan Peerke Donders. Ze is gemaakt door de redemptorist pater Mathot. Kopieën van de plastiek bevinden zich in de redemptoristenkloosters van Roosendaal en Wittem. Mathot heeft Peerke afgebeeld als redemptorist. Hij staat onder een paar palmbomen, wat een verwijzing is naar zijn werk in Suriname. 

Pastor Wim Manders van de Heikant verzorgt de diensten op de dinsdagmiddag in de kapel en hij is lid van de Petrus Donders Vereniging. Namens deze organisatie beheert Manders onder meer de devotionalia van Peerke. Manders noemt devotieboekjes, medailles en beeldjes, die nog steeds behoorlijk aftrek vinden in het inpandige winkeltje van café Peerke Donders. In 2001 heeft Manders nog een serie beeldjes in de varianten bronskleurig en gepolychromeerd bij een gespecialiseerd bedrijf in Den Bosch bij laten maken. Met een regelmaat van gemiddeld eens per jaar verstuurt hij steeds enkele tientallen devotieboekjes naar de Amsterdamse parochie met veel Surinaamse Peerke Donders-vereerders. Vanuit deze parochie wordt elke hemelvaartsdag de processie naar het geboortehuis in Tilburg-Noord georganiseerd. Pastor Manders zorgt verder dat er steeds een voorraadje relikwietjes is. Deze bestaan uit in papier gevouwen stukjes hout van de doodskist van Peerke. De relikwieën zijn verkrijgbaar in het winkeltje. Volgens de traditie wordt er door de kastelein geen geld voor gevraagd maar kan de gelovige naar eigen goeddunken een bedrag geven. Deze bedragen variëren van twee kwartjes tot 25 gulden.(10) Gemiddeld verwisselen honderd van deze relikwieën per jaar van eigenaar. De voorraad relikwieën zal voorlopig niet opdrogen. Manders beschikt naar zijn zeggen nog over een stuk doodskistenhout ter grootte van een deksel van een sigarenkistje. In het redemptoristenklooster in Wittem liggen nog paar veel grotere stukken hout. 


Kastelein Han Vrins in zijn winkeltje met Peerke Donders devotionalia. 
(foto Frans van Ameijde, 2000).

De verkoop van de traditionele devotiekaarsen bij het bedevaartsoordje wordt door kastelein Han Vrins zelf geregeld. Hij introduceerde in 2000 de novenenkaars. De grootste aftrek vinden volgens hem naast de kaarsen, de medailles. Het nog wel leverbare tegeltje is blijkbaar helemaal uit de tijd want daar is helemaal geen vraag meer naar. Ansichtkaarten en devotieprentjes lopen daarentegen iets beter. Andere souvenirs, als de sleutelhanger en de in Suriname uitgegeven postzegel ter gelegenheid van de zaligverklaring, zijn uitverkocht en worden niet meer bijgemaakt, omdat dat niet lonend meer is. Een zeer curieus souvenir, een speciaal flesje voor het water uit de Peerke Dondersput, is al lang niet meer verkrijgbaar. Afgaande op de grote zeldzaamheid van dit flesje kan worden aangenomen dat er destijds weinig van zijn gemaakt. Er bevinden er zich nog een paar in de collectie Peerke Donders-parafernalia van de missionarissen van het Heilig Hart (MSC) en een ieder geval een in particulier bezit in Tilburg. In het klooster aan de Bredaseweg is daarmee een vitrine ingericht. Blikvanger is het ongeveer 35 centimeter hoge beeldje van aardewerk. Naast de waterflesjes liggen in de vitrine prentjes en foto’s uitgestald. Volgens pater Kees Elbertsen moet de aanwezigheid van deze voorwerpen in het klooster in verband worden gebracht met de vereniging voor slechthorenden ‘Peerke Donders’. Deze organisatie is sedert 1953 thuis in het klooster.(11) 
Bekend in de volksdevotie is het bedevaartvaantje. Ook van Petrus Donders is er een omstreeks 1930 gemaakt.(12) 

Gelithografeerd bedevaartvaantje uit omstreeks 1930. (coll. Ronald Peeters, Tilburg).

Het huisje

De veruit belangrijkste stoffelijke herinnering aan Peerke Donders is het complex van geboortehuisje, kapel, monument, put en bedevaartpark in Tilburg-Noord. Het geheel staat sinds 1 januari 2002 op de rijksmonumentenlijst. Het oorspronkelijke geboortehuisje is kort na de dood van vader Arnold Donders in 1835 afgebroken.(13) Op 26 oktober 1930 werd de eerste steen gelegd van de reconstructie op de oude fundamenten. Het huisje dat er nu nog staat werd herbouwd in de oorspronkelijke vorm en afmetingen. In 1931 op 14 januari, de sterfdag van Peerke, werd het huisje onder grote belangstelling ingezegend. In 1998 is het huisje met medewerking van het Nederlands Openlucht Museum in Arnhem gerestaureerd.(14) Onder meer het schilderwerk is teruggebracht in de staat van begin 1800. De knowhow is ingebracht door het museum. De kennis is opgedaan bij de restauratie van drie uit Tilburg afkomstige arbeidershuisjes; deze stonden tot in de jaren vijftig van de twintigste eeuw aan de Berkdijksestraat. Burgemeester Stekelenburg heeft de pandjes in het voorjaar van 1998 geopend. Tegelijk met het huisje is het weefgetouw op initiatief van en door medewerkers van het Nederlands Textielmuseum in 1998 gerestaureerd. Een bijzonderheid aan dit initiatief is dat het idee is gelanceerd door de Turkse Tilburger ir. Ali Büyükcinar, destijds hoofd afdeling Textieltechniek van het museum. De restauratie van het weefgetouw kon door het publiek worden gevolgd. Voor het hele restauratieproces waren ongeveer 400 manuren nodig.(15) Als sluitstuk werd een nieuwe wollen ketting geschoren. Ter plaatse werden de eerste inslagen aangeweven. Om beschermd te blijven tegen motten en andere insecten, heeft de stof een speciale behandeling gekregen. 

Inzegening op 14 januari 1931 van het op basis van beschrijvingen van Maria van Diessen-Matijsen 
door architect Frankevort gereconstrueerde geboortehuisje van Peerke Donders. (coll. RHC Tilburg).

De ouderdom van het weefgetouw wordt door het Nederlands Textielmuseum geschat op tussen 1880 en 1920. Het is dus niet het weefgetouw van de familie Donders geweest. Dit is overigens ook nooit beweerd. Het weefgetouw is geweest van de thuiswever Johannes Franciscus Robben. Volgens Frans Robben uit Hengelo heeft zijn grootvader (naar wie hij is genoemd) het afgestaan voor het huisje.(16) Een foto waarop zijn grootvader aan dit weefgetouw werkt, is in zijn bezit. ‘Opa Heikant’, zoals thuiswever Robben binnen de familie werd genoemd, bewoonde een wevershuisje op de hoek Pater Dondersstraat-Rugdijk. 

Flesje met de beeltenis van Peerke Donders waarin water uit de 
Pater Dondersput zat. Aan het touwtje hangen bedevaartpenningen 
van Peerke Donders. (coll. Van Ierland, Tilburg; foto Frans van 
Ameijde).

Werd het oorspronkelijke huisje afgebroken, de put bleef behouden. Deze bestaat nog steeds. Er wordt ook nog steeds met enige regelmaat water uit geput door mensen die er op grond van een zeer oude traditie wonderbaarlijke krachten aan toekennen. De put ligt vol rotzooi en zou een opknapbeurt goed kunnen gebruiken. Doordat het de oorspronkelijke put is, is deze in feite ook het enige op het complex wat rechtstreeks refereert aan Peerke Donders. Eind negentiende eeuw is het gebruik van het Peerke Donders-water voor volksdevotionele doeleinden ontstaan. Dit watergebruik is daarmee een zeer vroeg voorbeeld van de plaats die Peerke Donders in ging nemen in de volksdevotie van de Tilburgers. Om te zorgen dat niemand in de put kon vallen, is in 1900 een houten beschutting gemaakt.(17) Deze is te zien op oude foto’s. Later is de put van boven dichtgemaakt om te voorkomen dat er rommel in werd gegooid. Vanaf dat moment kon het water worden opgepompt. Ook deze pomp staat op oude foto’s. 

Kapel en kruisweg

Op de plaats van het geboortehuisje is op 20 mei 1923, dus zeven jaar voor de reconstructie, een marmeren gedenkplaat onthuld. Op 28 oktober van datzelfde jaar, daags na zijn geboortedag, is de nog bestaande houten bidkapel ingezegend. Kort daarna is het wekelijkse smeekuur ingesteld. Dit wordt nog steeds op de dinsdagmiddag gehouden. De kapel is bewust uitgevoerd als noodkapel. De architect was Jos Donders; Van der Schoot was de aannemer. Omdat Peerke toen nog niet mocht worden vereerd, omdat hij nog lang niet zalig was verklaard, is de kapel opgericht ter ere van de Allerheiligste Drievuldigheid.(18) In de kapel hing een schilderij dat eigendom was van de Stichting Petrus Donders Missiestudiefonds. Dit schilderij is al ten bate van dat fonds verloot. In plaats daarvan kwam een in 1925 door de kunstschilder Albin Windhausen uit Roermond vervaardigd schilderij. Het stelt Peerke voor als ‘Apostel van de Melaatsen’. Deze afbeelding staat ook op sommige devotieprentjes en op de lidmaatschapskaart van de Pater Donders Vereniging. In de Peerke Donders-kapel hangt verder een twaalftal schilderijtjes die episoden uit zijn leven voorstellen. Deze zijn ook van de hand van Albin Windhausen, een naam die eerder is genoemd onder meer in relatie tot het teruggevonden schilderij dat een plaats heeft gekregen in de nieuwe Peerke Donders-kerk aan de Enschotsestraat.

De houten Pater Dondersput bij de kapel aan de Heikant. 
Twee kinderen laten aan een touwtje een kruik in de put 
zakken. Al sedert het overlijden van Peerke in 1887, werd 
het water uit deze put ‘met vertrouwen op de voorspraak van 
den Dienaar Gods gebruikt’. In 1900 werd de bovenrand 
gerepareerd en met een eikenhouten beschutsel omgeven. 
De foto is uit die tijd. (coll. RHC Tilburg).


Uitzonderlijk van cultuurhistorische waarde omdat hij zo zeldzaam is, is de openlucht-kruisweg in het belendende park. Dit park wordt betreden door een poort die ook op 1 januari 2002 op de rijksmonumentenlijst is geplaatst. Wanneer het een beetje weer is, kan men in dit park vanaf het komend voorjaar weer Toon Verbraak (1912) aan het werk zien.(19) Geholpen door zijn kinderen is deze hoogbejaarde Oisterwijker drie jaar geleden begonnen met de restauratie van de veertien staties. Vier, waaronder de Calvarieberg, moeten er nog onder handen worden genomen. In 2002 moet de door de redemptoristen betaalde restauratie klaar zijn. De beeldengroepen, ooit betaald door Tilburgse parochies, een aantal gelovigen en congregaties, zijn vervaardigd door Kunsthandel Sint Lucas van P. Verbraak en Zonen aan de Noordstraat. Een van deze zonen was Toon Verbraak, die veel kapellen en kerken (onder meer van de Heikant) met religieuze taferelen heeft beschilderd en die daarnaast houten beelden polychromeerde. Alle staties van gewapend beton zijn uniek. In de tweede statie figureren de broers Piet en Bernard Verbraak als beulen. 

De kruisweg dateert van 1926.(20) Veel bedevaartplaatsen kenden een kruisweg in de openlucht, opdat de pelgrims door het volgen van de staties hun rijd nuttig zouden besteden en niet zouden verbrassen in het café, in dit geval in café Peerke Donders. De staties werden uitgebeeld door beeldengroepen die van elders waren gehaald. Na tien jaar waren deze dusdanig door weer en wind aangetast dat besloten werd tot een nieuwe, door de firma P. Verbraak en Zonen vervaardigde kruisweg. Begonnen werd met de vierde statie (Jezus ontmoet Zijn bedroefde Moeder). In september 1936 is deze eerste statie geplaatst. Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog waren elf staties klaar. De resterende drie volgden in 1950. 

Interieur van de in 1931 gereconstrueerde weverswoning van Peerke Donders, 
kort na de inzegening. (coll. RHC Tilburg).

Monumenten

Van de twee grote Peerke Donders-monumenten van Tilburg staat er eentje op de parkeerplaats van het complex. De hardstenen beeldengroep staat met de rug naar het café van Han Vrins. Centraal in dit kunstwerk van de Roermondse beeldhouwer K. Lücker staat een levensgrote beeltenis van Peerke.(21) Hij weet zich omringd door verschillende taferelen uit zijn leven. Zo werkt hij aan het weefgetouw, staat hij achter het altaar, is hij aan het dopen en verpleegt hij melaatsen. Min of meer hetzelfde beeldverhaal is ingemetseld in de muur achter het altaar van de openluchtkapel. Op 10 september 1933 is het monument onthuld.

Het tweede monument is het bekende beeld aan het Wilhelminapark. Het bronzen beeld, waarop Peerke met het kruis staat afgebeeld terwijl een melaatse bij hem hulp zoekt, is van de hand van J. Maas uit Haarlem. Bisschop Diepen onthulde het op 1 augustus 1926 ten overstaan van alles wat belangrijk was in Tilburg, in het bisdom en in Brabant. De aanzet tot dit beeld is gegeven door dr. P. C. de Brouwer uit Hilvarenbeek, onder meer rector van het R.K. Gymnasium (later Odulphuslyceum) en verbonden aan het tijdschrift Brabantia Nostra.(22) In november 1921 hield De Brouwer een lezing over de twee ‘Dondersen’ die hun geboortestad tot ver buiten het land bekend hebben gemaakt: Peerke Donders en de oogspecialist prof. dr. Frans Donders. De Brouwer hield deze lezing op uitnodiging van de vereniging Noorderbelangen.(23) Staande de vergadering waarop De Brouwer zijn lezing uitsprak, werd het initiatief genomen tot de oprichting van het beeld waarvoor spoedig daarna de som van 12.000 gulden bijeen was gebracht. Overigens zou ook de beroemde oogspecialist een standbeeld krijgen, niet in Tilburg maar op het terrein van de universiteit van Utrecht.

Bedevaartplaats Peerke Donders in de Heikant aan de Pater Dondersstraat 
(vroeger deel van de Moerstraat) in 1934. Rechts het in 1931 gereconstrueerde 
geboortehuisje, daarnaast de in 1923 ingezegende kapel en op de voorgrond het 
in 1933 door K. Lücker ontworpen monument. (coll. RHC Tilburg).

Hasselt, Heikant, Heike

Hiermee is het overzicht van wat er in Tilburg nog herinnert aan Peerke nog niet compleet. Links achter in de Hasseltse kapel is tegen de muur een bord bevestigd met daarop de tekst Ín deze Mariakapel kwam in zijn jeugd de eerbiedwaardige Petrus Donders urenlang bidden’. In de stukken voor zijn zaligverklaring komt een verklaring voor dat mensen hem vaak in de kapel hebben gezien.(24) ‘Een hunner verhaalt, dat de student dikwerf zijn vaderlijk huis voorbijging naar de stille Hasseltse kapel, een klein Mariaheiligdom bij Tilburg. Gewoonlijk bleef hij daar een uur of langer en zijn meest geliefde gebed was dan de rozenkrans. Dit was zo bekend dat men somtijds thuis een weddenschap aanging hoeveel rozenhoedjes Petrus wel zou hebben gebeden.’ Het bord hing tot de restauratie boven de deur van de kapel. Op oude foto’s is het bord goed te zien. Na de restauratie is het in 1972 met beschadigingen en al op de huidige plaats in de kapel zelf geplaatst. “Wij vonden dat beter zo”, zegt Philip Rooijmans over het waarom. Rooijmans was pastoor van de Hasselt van 1969 tot 1997.(25)

Een van de kruiswegstaties in het park achter de kapel en het geboortehuisje van 
Peerke Donders. Deze kruisweg is in 1926 opgericht. Het waren van elders 
afkomstige en afgedankte staties, die na tien jaar zo versleten waren, dat zij tussen 
1936 en 1940 geleidelijk aan vervangen werden door nieuwe kruiswegstaties van 
beton, vervaardigd door de Tilburgse firma P. Verbraak & Zonen. (foto 1982, coll. 
RHC Tilburg).


In de kerk van de Heikant staat een beeld van Peerke Donders dat oorspronkelijk stond in een nis van het parochiehuis.(26) Nadat het parochiehuis is verkocht, is het beeldje naar het kerkhof verhuisd. In het kader van het tweehonderdjarig bestaan van de provincie Noord-Brabant is het door de Tilburgse beeldhouwer Charles Vergouwen opgeknapt. Het tweede eeuwfeest van de provincie is aangegrepen om overal kleine monumenten te restaureren. Van dit beeld zijn twee replica’s gemaakt. Een ervan staat op het kerkhof, het andere in de nis van het vroegere parochiehuis.

Ook de kerk van ’t Heike heeft sedert zondag 26 oktober 1997 een houten beeld van de zalige Peerke.(27) Het is in 1937 in opdracht van de redemptoristen gemaakt door de Bossche kunstenaar Piet Verdonk. Het beeld stond oorspronkelijk in het voorportaal van het klooster van de redemptoristen in Den Bosch. Vandaar verhuisde het naar de kelder van het Nebo-klooster van de redemptoristen in Nijmegen. Peerke is op dit houtsnijwerk voorgesteld als beschermer van een melaatse Surinamer. Bij het beeld staat een zilveren reliekhouder. Dit kunstvoorwerp was al in het bezit van de kerk.(28) In de ongeveer dertig centimeter hoge houder in de vorm van een monstrans is een relikwie van Peerke Donders geplaatst die door de familie van een overleden parochiaan aan de kerk is geschonken. Deze parochiaan kreeg de relikwie met het bijbehorende attest van echtheid na een gift voor de vestiging van de Peerke Donders-leerstoel aan de pauselijke universiteit in Rome. Op verzoek van de familie blijft de schenker onbekend.
In de toren van de Heikese kerk hangt een klok die op Pinksterzondag 2001 aan Peerke is gewijd. Het betreft in feite de enige klok die de oorlog heeft overleefd. Deze klok dateert van 1654. De klok scheurde in 1998, werd hersteld en vernoemd naar Peerke.

De fraters

Dan de fraters, ook zij beschikken over Peerke Donders-herinneringen. In het verzorgingshuis staat een beeldje van geglazuurd aardewerk. Op 27 oktober en op 14 januari branden er altijd kaarsjes voor. Op de sokkel staat ‘Petrus Donders’. Het beeld is beduidend ouder dan 1982, het jaar van de zaligverklaring. Dit gegeven is belangrijk om een historische anekdote te kunnen verklaren. Officieel mocht Peerke pas worden vereerd na zijn zaligverklaring. Om dit kerkelijke gebod geen geweld aan te doen, plakten de fraters een reep papier over de inscriptie ‘Petrus Donders’. (29) Overste Joop van Doremaal van de fraters herinnert zich nog de naam die op de reep papier stond: Petrus Claver, een in 1888 heilig verklaarde jezuďet.(30) De in Spanje geboren (1583) en in Bolivia overleden (1654) Claver had zekere overeenkomsten met Peerke. Hij wijdde zich in Bolivia aan de verzorging van negerslaven, zou er meer dan driehonderdduizend gedoopt hebben en overleed als slachtoffer bij de verpleging van besmettelijk zieken. Zijn bijnaam is ‘Apostel der negerslaven’, die van Peerke Donders luidt ‘Apostel der melaatsen’. Voorheen stond het beeld in het fraterhuis Petrus Donders aan het Kardinaal de Jongplein. De officiële naam van dit fraterhuis was overigens ‘Heilige Norbertus’, dit omdat Peerke vóór zijn zaligverklaring niet als beschermheilige mocht dienen.

Het monument van Peerke Donders op het bedevaartsoord aan de 
Pater Dondersstraat werd in 1933 vervaardigd door de Roermondse 
kunstenaar K. Lücker. (foto 1992 Wil van Dusseldorp, coll. RHC Tilburg).

In het generalaat van de fraters aan de Gasthuisring bevindt zich een bijzonder relikwie van Peerke Donders: het ijzerbeslag van het kruisje dat Peerke mee in zijn doodskist had gekregen. Het hout is vergaan. Het ijzer is gevat in een reliekhouder achter bol glas. Volgens frater Lambrecht Verhijden is de relikwie door de zusters van Liefde aan de fraters geschonken.(31) Net als Peerke hielden de zusters zich in Suriname bezig met onder meer de melaatsenzorg. Frater Lambrecht Verhijden is de beheerder van een unieke verzameling religieuze voorwerpen afkomstig uit de fraterhuizen die in de loop der jaren zijn gesloten. De collectie kruisbeelden, kazuifels, monstransen, cibories, zelfs communiebanken staan op een zolder van het generalaat.

Doopkerk Goirke

In de kerk van ’t Goirke, net als de Heikese kerk toegewijd aan Sint Dionysius, steken ze de relatie met Peerke Donders niet onder stoelen of banken. De aandacht voor Dionysius, in de Lage Landen toch een uitzonderlijke heilige (‘Sint Denijs, patroon van Tilburg en Parijs’), valt in het niet bij die voor Peerke. Diny van Dijk, een van de vele vrijwilligers werkzaam in deze kerk, wijst op een scheef hangend bordje tegen een pilaar.(32) Er staat op in rijm: ‘Op 27 oktober 1809 ontving op Goirke’s kerkgrond de zalige Peerke Donders het H. Doopsel boven deze doopvont.’ Het opschrift hangt nabij de doopvont uit 1590. Het staat vast dat Peerke boven deze hardstenen doopvont, nog steeds voor dit doel in gebruik, op zijn geboortedag (toen gebruikelijk) is gedoopt. Op de bovenrand staat de tekst die vroeger voor de hoogmis werd gezongen: ‘Asperges me, Domine hyssopo et mundabor’ (Besprenkel mij Heer met hyssop, en ik zal rein zijn). De doopvont moet hebben gestaan in de schuurkerk uit 1724.(33) Deze stond op de noordelijke helft van het tegenwoordige kerkhof op het Goirke. De huidige kerk dateert van 1839. In deze kerk hield Peerke op 22 mei 1842 voor zijn vertrek naar Suriname zijn afscheidspreek. 

Twee glas-in-loodramen herinneren aan de relatie tussen Peerke en de Goirkese kerk. Het ene beeldt zijn doop uit, het andere zijn eerste mis. In een bank naast Peerke zien we onder anderen met bonnet kapelaan Vogels, die in 1843 redemptorist werd en werkzaam was in Amsterdam. Verder zijn naar oude portretten afgebeeld pastoor Van der Ven en koster De Kanter.(34) Op het raam over de doop is de doopvont uit 1590 te zien, benevens het wapen van Tilburg (symbolisch bovenin) en pastoor Mathias Stals, de laatste Norbertijn op ’t Goirke. De andere personen in klederdrachten uit die tijd, zijn niet bij naam bekend, maar moeten waarschijnlijk bewoners van ’t Goirke zijn geweest. 

Op 1 augustus 1926 werd onder grote belangstelling op de hoek van het Wilhelminapark het Peerke Donders 
monument onthuld door mgr. Diepen. (coll. RHC Tilburg).


Vlak onder het raam van de eerste mis bevindt zich een aandoenlijk, maar daardoor niet minder belangrijk voorbeeld van volksdevotie. Een levensgroot beeld van Peerke Donders staat onder een rieten hutje, dat een indruk moet geven van een hutje in de melaatsenkolonie in Suriname. Het geheel is een creatie van koster Sjef van Santvoort. Het Peerke-kapelleke is op 23 mei 1982 ingewijd naar aanleiding van de zaligverklaring.(35) De kerkvrijwilliger Peter van Gestel maakte de goedgelijkende kop van het beeld naar het voorbeeld van het schilderij van Windhausen.(36) Het beeld is gehuld in de officiële kleding van een redemptorist. Het bijzondere aan deze kledij is dat ze heeft toebehoord aan de redemptorist pater J. Dankelman, schrijver van het standaardwerk over Peerke Donders. Dankelman overleed 1989 in Nijmegen. De voeten van het beeld steken in schoenen. “De kleren moeten we nog eens afborstelen, de schoenen nog eens poetsen”, stelt kerkvrijwilligster Diny van Dijk zorgzaam vast. Vanwege aard, achtergrond en ontstaan verdient deze plastische voorstelling van Peerke het om zorgvuldig bewaard te blijven. 

Een door zijn geweldige omvang niet te missen schilderij hangt in de zuidelijke zijbeuk naast de deur naar de sacristie. Een zekere A. Del Vecchia heeft het geschilderd.(37) Vergeleken met wat eerder aan kunstwerken van Peerke de revue is gepasseerd, ziet dit werk er wat kitscherig uit. Het is net een zeer sterk uitvergrote devotieprent. Een door hemelse gloed beschenen Peerke heft zijn hand zegenend op. Een andere hand rust op het hoofd van een in doeken gehulde (Peerke is patroon geweest van missienaaikringen en van de naar hem genoemde ‘Zwachtelbond’).(38) Rond Peerke staan negers en indianen, van wie een in gebed. Dit schilderij is zo groot omdat het tijdens de zaligverklaring in 1982 tegen de Sint Pieter heeft gehangen. Het schilderij is na de zaligverklaring opgerold mee teruggebracht uit Rome en door de Pater Donders Vereniging in bruikleen aan de kerk gegeven. De kerkvrijwilliger Peter van Gestel maakte er de lijst van steigerplanken omheen. Het schilderij is als prentbriefkaart voor een halve euro per stuk te koop in de sacristie. In een van de kasten met kerkgewaden ligt een kazuifel waarop een jong ogend Peerke naast Sint Dionysius is geborduurd.

Peerke Donders beeld van de beeldhouwer J. Custers op het 
kerkhof van de Heikant in de Zellerstraat. Dit beeld stond 
oorspronkelijk in de gevel van het patronaat op de Schans en 
is na restauratie in 1995 in de kerk van de Heikant geplaatst. 
(foto 1982, coll. RHC Tilburg).


Buiten Tilburg

Ook buiten Tilburg bevindt zich een behoorlijk aantal stoffelijke herinneringen aan Peerke, terwijl van een aantal vaststaat dat ze verloren zijn gegaan of niet bekend is waar ze zijn gebleven. In het vroegere grootseminarie Haaren bijvoorbeeld, waar Peerke heeft gestudeerd, was de kamer waarin hij gewoond heeft als kapel ingericht met gedenkraam en muurschildering. In de Tweede Wereldoorlog werd deze kamer door de Duitsers vrijgehouden. Maar volgens Adčle Mannaerts, communicatiemedewerkster van Cello, bestaat dit vertrek niet meer.(39) Cello is een organisatie voor zorg aan mensen met een verstandelijke beperking. De organisatie heeft onder meer Huize Haarendael, het vroegere grootseminarie, in gebruik. Regelmatig komen er mensen naartoe die vragen naar de kapel van Peerke Donders, maar Mannaerts zegt dat ze iedereen moet teleurstellen. 

Kamer van Peerke Donders op het seminarie te Haaren. Links beeldje en relikwie 
van Peerke Donders. Uit: J. Kronenburg CssR, De Eerbiedw. Dienaar Gods Petrus 
Donders. Nieuwe Levensbeschrijving
(Tilburg, 1925). 


In de parochiekerk van Warmond, waar Peerke Donders korte tijd assistent was van pastoor Hoes, werd een gedenkraam aangebracht. De pater-redemptorist G. Mathot, maker van meer in dit artikel beschreven kunstwerken, heeft ook de hand gehad in het 1.43 meter hoge beeld van Peerke in de Sint-Janskathedraal in Den Bosch.(40) Het is geplaatst op 5 juni 1991, precies anderhalve eeuw na zijn priesterwijding. Na de zaligverklaring in 1982 gaf een vereerster van Peerke te kennen dat ze graag een beeld van de Tilburger in de Sint Jan zou willen hebben. Ze gaf daarbij voldoende geld om de uitvoering van deze wens uit te voeren. Mathot werkte er ongeveer een jaar aan. Bij de onthulling zei hij Peerke afgebeeld te hebben als een ‘zachtmoedige revolutionair. Anders dan anderen. Niet buitensporig, wel eigenzinnig.’ Het beeld staat in de Sint-Jozefkapel. Op de plaquette onder het beeld staat: ‘In armoede opgegroeid, leefde hij in Suriname voor de allerarmsten, slaven en melaatsen.’ 

Als een opmerkelijke curiositeit mag het beeld van ‘St. Donders’ in de Alphonsuskerk in Luxemburg worden beschouwd.(41) Het is niet bekend hoe dat daar terecht gekomen is. De achtergrond van twee andere beelden die een relatie hebben met Peerke kon, wel worden gereconstrueerd. Het gaat om twee beelden die in het bezit zijn van Sjef Smetsers (1928) te Vessem.(42) Zijn broer werkte als frater Angelinus in Paramaribo. Bij hem op bezoek in 1974, maakte Sjef Smetsers kennis met de ‘frater-kok’, die in een lade twee houten beelden van 45 centimeter hoogte had liggen. Smetsers kreeg deze gepolychromeerde beelden cadeau, die hij terug in Vessem door een antiquair van de verf heeft laten ontdoen. Navraag leerde dat de beelden onderdeel hebben uitgemaakt van de oorspronkelijke communiebank in de houten Petrus en Paulus-kathedraal in Paramaribo. Dit monument is gebouwd in de jaren 1883-1885. Peerke stierf in 1887. Hij ligt in deze kathedraal begraven.(43) Van het ene beeld viel niet meer na te gaan welke heilige het voorstelt. Het andere is de Heilige Simon, dit op grond van de zaag die dit beeld als attribuut heeft.(44)

Enkele relikwietjes van Peerke Donders. (foto coll. RHC Tilburg).

Willem II in Wittem
De grootste verzameling Peerke Donders-souvenirs is te vinden in het klooster van de redemptoristen in Wittem, bekend bedevaartsoord van Gerardus Majella. Ook vanuit Tilburg wordt nog steeds vrij druk gepelgrimeerd naar dit genadeoord van deze zeer geziene volksheilige. Dat Gerardus Majella zich deze plaats in de volksdevotie verwierf, is in zekere zin opmerkelijk, want de in 1726 bij Milaan geboren heilige leidde een onopvallend leven.(45) De verklaring voor zijn populariteit is het werk van de redemptoristen geweest. Ze brachten de heilige mee op hun volksmissies met hun befaamde donderpreken tijdens onder meer het veertigurengebed. Zo kwamen ze overal, niet in de laatste plaats ook in Tilburg. De stad bewaart een historische herinnering aan een van de beroemdste redemptoristen: de in 1807 in Amsterdam geboren Bernard Hafkenscheid.(46) Deze grootse prediker preekte in Tilburg in de kerk van ’t Heike en soms ook van ’t Goirke tussen 1842 en 1863. Zijn eerste missie in het bisdom Den Bosch vond zelfs plaats in Tilburg. Zo beroemd was Hafkenscheid, dat in Tilburg koekplanken (1842) van de pater zijn gemaakt. In 1857 raakte Hafkenscheid nadrukkelijk betrokken bij de strijd tussen de geestelijkheid en de burgerij over het vieren van vastenavond. Beide partijen kwamen lijnrecht tegenover elkaar te staan. In de stad kwam het tot relletjes. Het pleit werd gewonnen door de geestelijkheid, onder andere door ongegeneerd uit de biechtstoel te klappen. 

Een van de vele devotieprentjes van Peerke Donders. 
Deze werd door het Hofbauer-Liefdewerk te Amsterdam 
uitgebracht ‘ten bate der Surinaamsche missie en 
melaatschen’. (coll. RHC Tilburg).

Deze Bernard Hafkenscheid ligt begraven in Wittem. Pater Jan Vinkenburg, landelijk archivaris van de redemptoristen in Nederland), daalt als eerste af in de grafkelder onder het klooster waarin de beroemde prediker is bijgezet. Het graf van Hafkenscheid (overleden op 2 september 1865 in Wittem) is het enige dat nooit geruimd is.(47) Omdat de kelder vrij klein is, worden om de zoveel decennia de stoffelijke resten van de andere overleden redemptoristen bij elkaar gelegd in een nis. Dat dit met Hafkenscheid niet is gebeurd, geeft aan dat hij als belangrijke promotor van de volksmissies nog steeds als een belangrijke persoon wordt beschouwd. Dat blijkt verder wel uit het levensgrote beeld uit 1915 van Hafkenscheid in de tuin van het klooster in Wittem. In de grafkelder hangt een in een mooie hardstenen plaat gebeitelde tekst die herinnert aan de toestemming die koning Willem II op 19 maart 1846 heeft gegeven om hier mensen te begraven. Dit verlof kwam totaal onverwachts en betekende dat er nu nog overledenen in kunnen worden bijgezet. Willem II heeft touwens toch een warm plekje veroverd bij de redemptoristen in Wittem. Op weg naar de 25-ste herdenking van de Slag bij Waterloo passeerde hij in Wittem, waar hij het bestaansrecht erkende van het klooster van de redemptoristen. Het was het eerste klooster in Nederland dat deze eer te beurt viel.(48) Een litho uit 1841 naar een schilderij van P. Dielman is de blijvende herinnering daaraan. Het kunstwerk van Willem II ten voeten uit hangt nu in een van de gangen van het klooster. De fraaie lijst wordt letterlijk gekroond door een koningskroon.(49)

Zaligen en heiligen

In de refter van dit klooster, waarin nog twaalf redemptoristen leven (honderd in Nederland), hangt tegen een muur een schilderij van Peerke Donders, dat, zo blijkt uit de collectie devotieprentjes van de zalige in Wittem, de hele wereld over is gegaan. Het schilderij staat als afbeelding op prentjes in het Engels (‘venerable Peter Donders, apostle of the lepers of Surinam’) en het Spaans (Ven. Pietro Donders, redentorista’). Centraal op dit schilderij van Giovanni Gagliardi uit 1913 is een geknielde Peerke bezig met het verbinden van een voet van een melaatse.(50) Twee inlanders kijken toe. Op de voorgrond een tas met medicamenten. Links nog een paar inlanders in aanbidding voor een altaar tegen de wand van een rieten hut. Aan de manier waarop de palmbladeren op het dak zijn bevestigd, is overigens te zien dat de schilder nooit in een tropisch land is geweest; zoals ze op het schilderij zijn gerangschikt, zullen ze als dakbedekking het interieur niet lang droog houden. De historische achtergrond van dit schilderij is interessant omdat het is vervaardigd voor de opening van het proces van zaligverklaring op 14 mei 1913. Niet zeker is of het schilderij in Wittem een replica is van het origineel dat altijd op het generalaat (‘Curia Generalizia’) van de redemptoristen in Rome heeft gehangen. Het is daarnaast ook goed mogelijk dat dit schilderij in 1982 in verband met de zaligverklaring naar Nederland is gebracht.

Pater J. Romme die van 1883-1885 met Peerke Donders indertijd in Suriname verbleef,
schreef over hem: ‘… hoe hij verder bijna iedere avond en zeer dikwijls ’s morgens een 
geselkoord nam en zich niet zelden ten bloede geselde, is bekend. Een geselkoord, dat 
geknoopt, met spelden en nageltjes doorstoken en gans bebloed was, heb ik aan 
monseigneur opgezonden.’ Dit geselkoord is bewaard gebleven (vm. coll. J. Dankelman 
CssR, Nijmegen, foto RHC Tilburg).


In een kloostergang hangt het origineel van het door A. Windhausen vervaardigde schilderij, waarvan een kopie langs wonderlijke wegen in de nieuwe Petrus Donderskerk aan de Enschotsestraat terecht gekomen is. Het schilderij is in niet al te beste staat. Als bijzonderheden kunnen nog worden vermeld dat het geschilderd is naar een foto van Peerke en dat het een pendant is van een geschilderd portret van volksprediker Hafkenscheid.(51) Beide schilderijen hangen naast elkaar. Peerke bevindt zich hier verder in het gezelschap van drie van de vier heiligen die de redemptoristen hebben voortgebracht. Dat zijn, naast Gerardus Majella, Clemens Maria Hofbauer en de Amerikaan Johannes Neumann. De vierde heilige is Alphonsus van Liguorie, oprichter van de congregatie van de Allerheiligste Verlosser, beter bekend als de redemptoristen. De congregatie telt zes zaligen, van wie Peerke er een is.(52) In de Gerardus Majella-bedevaartskerk van Wittem is Peerke nadrukkelijk aanwezig met een eigen altaar, dat wordt gesierd door het levensgrote bronzen kunstwerk van pater G. Mathot. Ditzelfde beeld is ingemetseld in redemptoristenkloosters in Roosendaal en Nijmegen.

Rommelige schatkamer

Voor het bezichtigen van de grootste schat aan Peerke Donders-relikwieën gaat archivaris Vinkenburg voor naar een vleugel waarin vroeger studenten waren gehuisvest. Aan een gang op de bovenste verdieping liggen links en rechts ieder zes kamers. Aan de linkerkant is het papieren archief van de Nederlandse redemptoristen ondergebracht. Het uit Suriname overgebrachte archief maakt daarvan deel uit. Aan de overzijde van de gang is een kamer ingericht ter nagedachtenis van kardinaal Maarten van Rossum (1854-1932), een zeer invloedrijke redemptorist. In de Gerardus Majella-kerk van Wittem is hij bijgezet in een door Italiaanse kunstenaars gemaakt witmarmeren praalgraf, dat door zijn aard on-Nederlands overkomt.

Tentoonstelling ‘Petrus Donders en Tilburg’ in de Oliemeulen aan de Reitse 
Hoevenstraat in 1982. Het harmonium dat door Peerke in de Surinaamse missie 
is bespeeld (vm. coll. J. Dankelman CssR) staat nu in Wittem. (foto RHC Tilburg).


De kamer naast de kardinaal Van Rossum-kamer is de Peerke Donders-kamer. Wanneer Vinkenburg de kamer heeft ontsloten en de deur openzwaait, is er enige teleurstelling door de rommelige indruk die het interieur maakt. De collectie ligt schots en scheef opgeslagen, wat de verzameling niet minder interessant maakt. Veel van deze voorwerpen zijn twee keer in Tilburg tentoongesteld geweest; in 1982 op de door de bisschop van ‘s-Hertogenbosch, J. Bluyssen, geopende tentoonstelling in de Oliemeulen in verband met de zaligverklaring en in 1997 in de kerk van ’t Heike in verband met de plaatsing van het eerdergenoemde beeld. De expositie van 1982 (die overigens in oktober van dat jaar ook te zien geweest is in de St. Jan te ´s-Hertogenbosch) was ingericht door Ronald Peeters, terwijl kerkvrijwilliger Theo Dekker zich heeft ingespannen voor de tentoonstelling in de Heikese kerk.

Het grootste voorwerp is een harmonium dat door Peerke in de Surinaamse missie is bespeeld. De toetsen zitten er nog op, maar het binnenwerk ontbreekt. Op een kast staan zes portretschilderijen, twee grote bustes en vijf volksdevotionele beelden. In kistjes en dozen liggen honderden relikwietjes opgeslagen. De meeste zijn van de soort die in het winkeltje in café Peerke Donders in Tilburg-Noord verkrijgbaar zijn. Aandoenlijk zijn de relikwietjes gemaakt door vlijtige nonnenhanden. Sommige van deze op scapuliers gelijkende relikwieën worden gesierd door een minuscule foto van zalig Peerke. Naast deze relikwieën liggen een paar flinke stukken hout, overblijfselen van de doodskist. Er is zoveel hout dat er met gemak vele duizenden relikwietjes van te maken zijn. 

Voorzien van attesten van echtheid liggen in een kast een paar voorwerpen die aan Peerke zelf hebben toebehoord: zijn rozenkrans, waarmee hij zoveel in de Hasseltse kapel heeft gebeden, een kleine foto met originele handtekening, een meditatieboekje dat van hem is geweest, een kruisje dat hij meenam op zijn missietochten naar de binnenlanden van Suriname en een brief. Daarnaast liggen in de vitrine nog wat stukken hout van zijn doodskist, een houten kruisje dat vermoedelijk op deze kist heeft gelegen en houtsnijwerken (krokodilletjes) van melaatsen in leprozenkolonie Batavia. Heel apart zijn verder stukjes riet dat op het dak van zijn geboortehuisje heeft gelegen, stukjes draad van het spinnewiel van de moeder van Peerke en een zwart beeldje van de Heilige Antonius van Padua. Dit heeft toebehoord aan de ouders van Peerke. 

Peerke als weerheilige

Antonius is de patroon van verloren zaken. ‘Heilige Antonius beste vrind, maak dat ik asjeblieft mijn … terugvind’, is een in verleden en heden talloze keren gebeden schietgebed. In Tilburg en omgeving bestond het gebruik het beeld voor straf in een hoek of onder een druppende kraan te zetten wanneer het schietgebedje niet werd verhoord.(53) Dit treurige lot blijkt ook beeldjes van Peerke Donders beschoren te zijn geweest. Bij het beeld van Peerke Donders in de Heikese kerk vertelde een vrouw hoe zij altijd veel had gefietst.(54) Wanneer ze ging, plaatste ze het beeld buiten met de vermanende woorden: ‘Als et gao rččgene, wňrde gij ok nat.’

Devotieprente uit 1942. (coll. Ronald Peeters, Tilburg).


Noten

(1) Ronald Peeters, Tilburg in Beeld 1945-1980. Tilburg 1982. 
(2) Interview met Adriaan Michielsen (Baarle-Nassau) op 7-1-2002. 
(3) Overigens zijn niet alle ramen verloren gegaan. In het gebouw van de GGD Midden-Brabant er een aantal met heiligenafbeeldingen in de patio opgehangen.
(4) Interview met Gerrit Michielsen (Tilburg) op 4-1-2002. 
(5) Brabants Dagblad van 4-9-2000.
(6) Interview met Theo te Wierik (Tilburg) op 5-1-2002.
(7) Interview met Wim Manders (Tilburg) op 3-1-2002. 
(8) J.L.F. Dankelman CssR, Peerke Donders; schering en inslag van zijn leven. Hilversum 1982. 
(9) Interview met pater Jozef CssR (Nijmegen) op 3-1-2002.
(10) Interview met Han Vrins (Tilburg) op 7-1-2002. 
(11). Interview met Kees Elbertsen (Tilburg) op 5-1-2002. 
(12) Ronald Peeters, ‘’Ter eeren Gods ende der sielen te laeffenis een bedevaert gaen…’Bedevaarten in en vanuit Tilburg’, in: Godsvrucht en deugdzaamheid. Godsdienst en kerk in Tilburg door de eeuwen heen (Tilburg, Tilburgse Historische Reeks 9, 1997), p. 138-139 en afb. op p. 155. 
(13) M. van Grinsven CssR, Op Peerke Donders’ Geboortegrond aan den Heikant te Tilburg (Ontwikkeling van een bedevaartplaats). Tilburg 1945. 
(14) Brabants Dagblad van 20-8-1998.
(15) Persbericht Nederlands Textielmuseum augustus 1998.
(16) Brief van Frans Robben d.d. 05-01-99, collectie Paul Spapens.
(17) Van Grinsven, Op Peerke Donders’Geboortegrond.
(18) Idem.
(19) Interview met Toon Verbraak (Oisterwijk) op 5-1-2002 
(20) Van Grinsven, Op Peerke Donders’Geboortegrond.
(21) Idem.
(22) Ronald Peeters, De Paap van Gramschap; vier eeuwen schrijven en drukken in Tilburg. Tilburg 1992. 
(23) M. van Grinsven CssR, Het Petrus Donders Monument aan het Wilhelminapark te Tilburg (Geschiedenis van een monument). Tilburg 1946.
(24) De Hasseltse kapel te Tilburg; troost en toeverlaat voor velen. Tilburg 1987. 
(25) Interview met Philip Rooijmans (Tilburg) op 4-1-2002.
(26) Zie noot 7.
(27) Brabants Dagblad van 22-10-1997.
(28) Interview met Theo Dekker (Tilburg) op 4-1-2002.
(29) Interview met Joop van Doremaal (Tilburg) op 7-1-2002.
(30) Katholieke Encyclopaedie, 1934
(31) Interview met Lambrecht Verhijden op 7-1-2002.
(32) Interview met Diny van Dijk (Tilburg) op 7-1-2002.
(33) Herman van Venetië, 150 Jaar Goirlese kerk; van schuurkerk tot schatkamer. Tilburg 1989.
(34) Brochure voor rondleidingen door de kerk samengesteld door parochie De Bron.
(35) Idem.
(36) Interview met Jan van Deijck (Tilburg) op 8-1-2002.
(37) Brochure, a.w.
(38) M. van Grinsven CssR, Blijvende Peerke Donders Kalender. Tilburg 1947. 
(39) Interview met Adčle Mannaerts (Haaren) op 7-1-2002.
(40) Informatiestencil: collectie Theo Dekker, Tilburg.
(41) Idem.
(42) Interview met Sjef Smetsers (Vessem) op 7-1-2002.
(43) Website http://redemptoristen.nl/Paramaribo/Geschiedenis/histor)01.htm
(44) Kees van Kemenade en Paul Spapens, 365 Heiligendagen. Hapert 1993. 
(45) Idem.
(46) Paul Spapens, Vrouwke, ’t is vastenaovond; de geschiedenis van vier eeuwen vastenavond en carnaval in Tilburg. Tilburg 1996. 
(47) Interview met pater Jan Vinkenburg (Wittem) op 4-1-2002.
(48) Idem.
(49) Inventarisatie kerkelijk kunstbezit door het bisdom Roermond. Z.d.
(50) Idem.
(51) Idem.
(52) Zie noot 47.
(53) Paul Spapens, Heilige Boontjes; volksdevotie in Tilburg en omgeving aan het eind van de twintigste eeuw. Tilburg 1999. 
(54) Zie noot 40.


* Paul Spapens (1949) is journalist bij het Brabants Dagblad. Hij schreef een flink aantal boeken over o.a. Tilburg, Noord-Brabant, folkloristische onderwerpen en volksdevotie. Voor ‘Tilburg’ schreef hij eerder enige artikelen.