| 94. De spelling van straatnamen | |||
|
Titel: |
De spelling van straatnamen |
|
Ondertitel: |
|
|
Auteur: |
Wil Sterenborg* |
|
Jaargang: |
XV (1997) Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur |
|
Nummer: |
1 |
|
Pagina´s: |
9-12 |
Bij wet van 14 februari 1947 (Staatsblad H 52) is vastgesteld dat we de spelling van De Vries & Te Winkel schrijven, met inachtneming van enkele afwijkingen, die er merendeels in 1934 al doorgedrukt waren door minister Marchant, ondanks het verzet in beide Kamers. Sinds 1934 schrijven we een klinkerteken minder in
beenen en boomen, en laten we de ch weg in bijvoorbeeld mensch. Ook namen als
Roode Zee en Weenen vielen onder de vereenvoudigingsregeling.
Bedacht op niet te overziene consequenties stelde de wetgever in artikel 1, sub 6, het volgende vast:
'De schrijfwijze van Nederlandsche aardrijkskundige namen zal nader worden geregeld bij algemeenen maatregel van bestuur.' Ter voorkoming van misverstand voegde hij hieraan sub 8 toe:
'Namen van straten, lanen, pleinen en dergelijke worden niet als aardrijkskundige namen behandeld.'
Op 19 juni 1996, een dag voordat staatssecretaris Nuis erover vergaderde met de Vaste Kamercommissie van Onderwijs etc., ondertekende koningin Beatrix bij Koninklijk Besluit een Algemene Maatregel van Bestuur, die het
Spellingbesluit genoemd wordt. Dit besluit is gestoeld op de Spellingwet van
1947, welke wet, met inachtneming van de aangebrachte wijzigingen, van kracht blijft.
Straatnamen geen uitzondering
Vaststaat dat straatnamen onderhevig zijn aan het Spellingbesluit, enerzijds doordat de Spellingwet ze welbewust afzondert van de uitzonderingscategorie, anderzijds doordat de Nederlandse Taalunie die toestand bestendigd
heeft.(1) Dat dit misschien onbewust gebeurd is, zou opgemaakt kunnen worden uit de uitlating van deskundige Van Hoorde in Trouw, dat, voorzover hij weet, de spelling van straatnamen nooit een punt van discussie geweest is (in de vele commissies van de laatste
jaren).(2) En dit terwijl de wetgever destijds speciale aandacht aan de straatnamen besteed had!
Geen wonder dat mevrouw Van den Bergh, algemeen secretaris van de Nederlandse Taalunie, in het
Ng-magazine, weekblad van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, van 7 februari 1997, blijkbaar overrompeld door de commotie naar aanleiding van mijn artikel in Onze Taal, mij verwijt de wet verkeerd te
interpreteren.(3) Zij constateert dat aanpassing van de bordjes 'helemaal niet nodig
is'. Jolanda Keesom vertelt verder in het Ng-magazine dat het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen niettemin vindt dat straatnamen op den duur wél volgens de nieuwe spelling moeten worden geschreven:
'Wij pleiten voor de geleidelijke vervanging van straatnaambordjes', aldus de woordvoerder van het ministerie.
De tussen-n
Decennialang hebben we al schrijvend moeten overwegen of het eerste lid van een samenstelling noodzakelijk de gedachte aan een meervoud opriep, om verantwoord te kunnen schrijven: boekenkast, huizenrij, eikenbos e.d. Leverde dit soms
paardenstal op (voor een fokker) en paardestal (voor een keuterboer), dan ondervond de lezer daar geen hinder van, eerder het tegendeel.
Bij het vereenvoudigen van de spelling heeft de Nederlandse Taalunie een nieuw systeem bedacht: het menselijk brein is uitgeschakeld, en de computer schrijft ons voor of er een tussen-n nodig is. Op basis van het meervoud
steden wordt het automatisch stedenbouw, bruggen leidt tot
bruggenhoofd en pannen tot pannenkoek. Om het niet al te bont te maken zijn er uitzonderingen bedacht: de computer levert bijvoorbeeld geen tussen-n als het eerste lid van een samenstelling een zelfstandig naamwoord is dat eindigt op -e en zijn meervoud zowel met -n als met -s vormt: druktemaker, huldebetoon, droogteperiode, zwaartepunt.
Vervelend is dat het toekennen van een meervoud-s aan woorden eindigend op -e nogal willekeurig geschied is, afgezien ervan dat er bij veel van zulke woorden geen meervoud genoteerd staat in de Woordenlijst. Zo heeft
afgifte geen meervoud, maar aangifte krijgt -n of -s.
Nog vervelender is het dat het meervoud op -s volgens wetenschappers de spreektaalvorm is, terwijl in geschreven taal de
-n gebruikt wordt.(4) Dit is gemakkelijk verklaarbaar. In beschaafde spreektaal laten we gewoonlijk na een sjwa geen slot-n horen. Een zin als 'Het is onbekend aan welke
ziekten zij gestorven is' kan door de hoorder worden opgevat als een enkelvoudige doodsoorzaak. De spreektaal voorkomt dat misverstand met
ziektes, welke vorm in de schrijftaal overbodig is.
Nu hebben de spellingregelaars de computer al die spreektaalmeervouden aangeleerd: gedachtes, weduwes, geboortes; deze leiden nu tot: gedachtewisseling, weduwepensioen en geboorteregister.
Doordat ook linde een dubbel meervoud toebedacht werd: linden en
lindes, mag er in Lindestraat geen tussen-n meer staan, zodat die straat zich onttrekt aan de logica van Olmenstraat, Dennenstraat, Wilgenstraat, Elzenstraat, enz.
Slapende honden?
Teneinde argeloze belanghebbenden te attenderen op de gevolgen van deze ondoordachte spellingmanoeuvre, heb ik in het tijdschrift
Onze Taal (januari 1997) dit onderwerp te berde gebracht. De reacties van gemeenten liepen uiteen. De journalist van
Trouw vernam van spellingdeskundige Van Hoorde van de Nederlandse Taalunie dat gemeenten weliswaar autonoom zijn de keuze van straatnamen, maar dat zij zich moeten houden aan de officiële spelling.
In het verleden is er trouwens wel gereageerd op spellingwijzigingen waar die straatnamen betroffen. De bordjes met Korvelscheweg, Stevenzandschestraat, Enschotschebaan e.d. zijn vervangen door
ch-loze. Ook Amsterdam heeft zijn Heerengracht en Groote Wittenburgerstraat aangepast, en Loon op Zand zijn Hooge Steenweg.
Welke straten in Tilburg?
Volgens de nieuwe regels, vastgelegd in de Woordenlijst, worden Lindestraat en
Reitse Hoevestraat geschreven zonder tussen-n; datzelfde geldt voor Bilzekruidhof, dat zo al in de Woordenlijst uit 1954
staat.(5)
Wegens het enig mogelijke meervoud van het eerste lid met behulp van een -n, dienen we te schrijven:
Bonenkruidstraat, Gildenbroedersstraat, Gildenstraat en Koninginnenhof.
Evenals de oude schrijft de nieuwe Woordenlijst voor: Hysopstraat (i.p.v. hyssop),
Mierikhof (i.p.v. mieredik), Lansiersstraat (i.p.v. lanciers), Oranjerie (i.p.v. orangerie),
Toernooistraat (i.p.v. tournooi), Omberstraat (i.p.v. umber), Zoeavenlaan (i.p.v. zouaven).
Vergelijking van gangbare stratenlijsten met betrouwbare bronnen lokt aanmerkingen uit op het gebruik van de ligatuur ij waar een i-grec
(y) op haar plaats is.(6) Dergelijke afwijkingen betreffen uitsluitend met eigennamen samengestelde straatnamen. Het gaat om de volgende:
(Ik noteer de juiste schrijfwijze en geen foute ij.)
Bergeykstraat
Duynsbergseweg
Gebr. Van Eyckstraat
Jan van der Heydenstraat
Hendrick de Keyserstraat
Lieven de Keystraat
Abraham Kuyperstraat
Dr. Leydsstraat
Luyksgestelstraat
Jan Mayenpad
Lucas Meyerstraat
Dr. Nuyensstraat
Joannes van Oosterwyckstraat
Schout de Roystraat
Ruys de Beerenbrouckstraat
President Steynstraat
Burgemeester Suysstraat
Jan Truyenlaan
Verheystraat
Hiertegenover ziet de Herman Heijermansweg af van de y.
De concurrenten c en k hebben elkaar soms verdrongen. In Heraklesstraat hoort een
k, evenals in Kapucijnenstraat(7); Laurens Costerplein heeft recht op zijn eigen
c; in Kasteel Twickelerf en Kasteel Twickelstraat is de dubbele k onjuist. De
c verdient een plaatsje in Künneckestraat, Hendrick de Keyserstraat en
Joannes van Oosterwyckstraat; ze hoort niet thuis in Maetsuykerstraat.
Andere kleinigheden: Anthony Moddermanstraat en Anthony van Diemenstraat verdienen een
h; de laatste ook een y (i.p.v. ie). In Kapitein Roudairestraat was de
u met een n weergegeven; Bisschop Metsiusstraat had nog de z van Metz;
Willem Barentszstraat had de d van Barend; Zacharias Jansenstraat moet natuurlijk met de
z van Zacharias; Cornelis Wittestraat had een u te veel;
St. Bonifatiusstraat moet met een t in plaats van een c, Rückertbaan met
ü in plaats van ue.(8)
In Berkel-Enschot moeten de Driehoeveweg en de Zeshoevestraat zonder tussen-n; de
Lucas van Leydenlaan en de Jacob van Ruysdaelstraat hebben recht op een
y.
In Udenhout komen voor aanpassing in aanmerking; de Achthoevestraat en de
Zeshoevestraat, alsmede de Hoevestraat, tenzij het in deze laatste gaat om de plaatsnaam 'Hoeven'. Verder wordt het
Lindelaan, Kapucijnenstraat en Grotesteeg. Het Groene Boekje (de Woordenlijst) schrijft voor:
Berenklauw, met een -n-. Zou het tweede lid, 'klauw', opgevat kunnen worden als 'botanische term', dan moet de samenstelling, wegens de dierennaam als eerste lid, zonder tussen-n. De regels hierover zijn wat vaag.
(coll. RHC Tilburg).
Los, aaneen of met koppelteken
Het vroeger toegepaste systeem volgens hetwelk een bijvoeglijk naamwoord los van het volgende 'straat', 'weg', enz. geschreven werd, is allang achterhaald. Volgens prof. Schrijnen heeft het eenheidsccent de aaneenschrijving bevorderd, die nu algemeen gebruikelijk is: Oerlesestraat, Dongenseweg, Langendijk, Ollandseloop, enz. Er zal nog wel 'Goirke kanaaldijk' te lezen staan, maar dat moet ook één woord
zijn.(9)
Jarenlang hebben we met een koppelteken aangegeven dat het eerste deel van een drieledige naam betrekking had op het tweede element (Tweede-Sluisweg, Lieve-Vrouweplein).
De nieuwe regels bevelen aan drieledige samenstellingen als één woord te schrijven (langetermijnplanning, onroerendgoedmarkt, eerstehulppost). Dit leidt tot:
Lievevrouweplein, Tweedesluisweg, Oudlovenstraat, Hogewitsiestraat, Postelsehoeflaan, Postelsehoefplein, Tongerlosehoefstraat, Noordbesterdstraat, Loonsemolenstraat, Loonscheheideweg, Oudekerkstraat. Zouden we schrijven 'Oude Kerkstraat', dan betekende dat dat het ging om een oude straat, terwijl er sprake is van een oude kerk. In
Reitse Hoevestraat moet het eerste woord wel worden opgevat als een bepaling bij de gehele rest, bij de 'Hoevestraat'.
Sint
Het is treurig dat de regelaars in het kader van de beoogde vereenvoudiging verzuimd hebben het koppelteken na
St. af te schaffen. Het wordt nog steeds voorgeschreven. In de praktijk kwam er weinig van terecht. Op stafkaarten vinden we het nog sporadisch; ook het Amsterdamse stratenboek gebruikt het niet. Als de
heilige Jozef het zonder kan, waarom zou Sint Jozef dan per se een streepje nodig hebben! Volgens de Utrechtse professor Gerlach Royen sluit
Sint (St.) zonder koppelteken volkomen aan bij andere in straatnamen gebruikte titulatuur, zoals: Prins, Koningin, Burgemeester, Professor,
Wethouder.(10) Frans J. Claes S.J. merkt in zijn artikel het volgende op: 'In Nederland is de schrijfwijze van de plaatsnamen in het algemeen niet aan de huidige spelling aangepast (...) In strijd met de Woordenlijst krijgen gemeentenamen met Sint er geen koppelteken, behalve alleen
Sint-Oedenrode.'(11)
Toponiemen
Bevat een straatnaam een toponiem, dan behoudt dat zijn originele schrijfwijze: Loonsche Heide, dus
Loonscheheideweg; Goirleseweg, Duynbergseweg, Dorthstraat, Bosscheweg,
Heereveldendreef.
Aanpassing
Het zou geen onmogelijke opgave zijn een foutloze lijst van de Tilburgse straten samen te stellen, hoewel er waarschijnlijk wel enkele twijfelgevallen overblijven. Daartegenover zou het vervangen van alle onjuiste naamborden een gigantische financiële investering vergen. Geleidelijke vervanging, zoals gesuggereerd door een woordvoerder van het ministerie van Cultuur etc. heeft tot gevolg dat een straat mogelijk niet op alle plaatsen gelijk wordt aangeduid. Dit is eigenlijk niet nieuw: wie erop let kan in verschillende straten constateren dat niet alle borden hetzelfde vermelden. Zo vindt men in de Christiaan Hygensstraat één (oud) bord met de juiste naam; op vier andere valt een ij te lezen in plaats van de
y. Zoiets ziet men ook in de Ruysdaelstraat. In de Van Bylandtstraat vermeldt een bordje 'Van Bijlandtstraat'.
Het zou veel tijd en mooi weer vergen om alle fouten op te sporen. En pas als alles geïnventariseerd is, zouden er plannen gemaakt kunnen worden voor het op peil brengen van het bordenarsenaal; het zijn er duizenden!
Uit archiefonderzoek is gebleken dat aanpassing van de straatnamen met -sche- (type Goirlescheweg) in het verleden niet heeft plaatsgevonden op basis van een speciaal B&W- of raadsbesluit. Men heeft in de loop van enkele tientallen jaren onder andere wijzigingen in de loop van straten aangegrepen om meteen hun spelling te moderniseren. Zo werd de naam
Bredascheweg (uit 1881) in 1962 Bredaseweg genoemd; de Hoogvenschestraat (uit 1909) werd in 1968 Hoogvensestraat; de
Tongerloosche Hoefstraat (uit 1909) werd in 1960 Tongerlose Hoefstraat. Niet alle
sch's zijn op deze manier weggewerkt; formeel hebben drie straten nog steeds hun oorspronkelijke spelling, t.w. de
Korvelscheweg (sinds 1900), de Lovenschestraat (sinds 1918), en de
Moerenburgscheweg (sinds 1909). Deze namen worden alle drie in 1926 het laatst officieel bevestigd.
Of het verantwoord is veel geld uit te trekken voor nieuwe borden, durf ik niet te beweren. De spellingvernieuwers zijn immers pas kort geleden gaan nadenken over straatnamen.
De wankele basis waarop bijvoorbeeld de -n- van Gildenstraat komt te rusten, nodigt uit tot een afwachtende houding. Het Groene Boekje mag dan wel stellen:
gilde, meervouwd gilden, dus: gildenboek, gildenbroeder en nog zeven andere samenstellingen, maar die redenering is niet waterdicht. De Grote Koenen leerde ons in 1986 al:
gilde, meervoud gilden en gildes. Ook Van Dale stelt zich op dit standpunt in zijn aangepaste editie uit 1995, met als gevolg: zesendertig samenstellingen met
gilde zonder tussen-n.
Op instigatie van het Genootschap Onze Taal, dat zich zonder resultaat bezorgd had gemaakt over de kwaliteit van het nieuwe Groene Boekje, hebben in de loop van 1996 de redacties van dit boekje en van Van Dale hun bestanden vergeleken. Hieruit vloeide voort dat aan het Groene Boekje een blaadje met eenendertig correcties werd toegevoegd, en dat Van Dale een geschrift publiceerde met honderden verbeteringen. Hieronder vinden we ook negen samenstellingen met
gilde; deze kregen alsnog een tussen-n toegewezen - de andere zeventwintig blijven zonder die
-n-, omdat ze niet in strijd zijn met het Groene Boekje. Merkwaardig is dat Van Dale in dezen het boetekleed heeft aangedaan, terwijl de redactie van het Groene Boekje zich vergist had!
Op eventuele nieuwe borden voor de Gildenstraat zou men veiligheidshalve een afneembare
-n- moeten zetten - de spellinggeleerden mochten zich nog bedenken!
Toekomst
De oorzaak van de meeste afwijkingen zie ik in te geringe accuratesse. Men kan nu eenmaal niet zo maar een bord laten maken, zonder zich ervan te vergewissen of het overeenstemt met een reeds bestaand. Als iemand dr. Leyds heet, mag er op zijn bordje geen
ij komen. Iemand die Peeters heet, voelt zich misdeeld met een e minder.
Heel praktisch lijken de waternamen in de Blaak en de plaatsnamen in de Reeshof. Kennelijk hebben de naamgevers niet beseft dat daarboven als een zwaard van Damocles de in de Spellingwet aangekondigde 'algemene maatregel van bestuur' hangt. Weliswaar is er in een halve eeuw nog niets gebeurd, maar als er ooit een oersterke coalitie aan de macht komt, die een regeringscrisis durft te riskeren, zou men wel eens kunnen gaan denken aan vereenvoudigingen als: Leidsendam, Lobit, Boksmeer, Dwingelo. Veiliger is het namen met een ingebouwd probleem te omzeilen. Dat houdt dan wel in dat men ook voorzichtig moet zijn met namen van planten.
Zolang de spelling van onze taal zich leent voor 'vereenvoudiging', blijft het vaststellen van straatnamen onderhevig aan het risico van opgedrongen correcties. Een alternatief zou het zich aandienende Engels kunnen vormen. Men zou dan echter eerst bordjes moeten uitvinden die de uitspraak laten horen, zgn. klankbordjes. (Velen zeggen: Baden Powelllaan, met de a van Baden-Baden.)
De grootste stabiliteit kan het Latijn bieden: Collis (Heuvel), Forum Vetus (Oude Markt), Via Nova (Nieuwstraat), Via Crucis (Kruisstraat), Via Officinae (Atelierstraat), Villae Regis (Koningshoeven), Via transversa Altitudinis (Hoogtedwarsstraat), Via Peregrinorum (Pelgrimsweg), Forum Aquilae (Arendplein), enz. Zulke welluidende namen zouden niet alleen buiten de herspelling vallen, maar bovendien het imago van onze stad opvijzelen.
Noten
(1) De Nederlandse Taalunie is in 1980 door de Nederlandse en Belgische regering ingesteld ter behartiging en bevordering van het Nederlands.
(2) Trouw, 20 januari 1997.
(3) Jolanda Keesom, 'Lindenlaan en Prinsessegracht mogen voorlopig nog blijven', in:
Ng-magazine, weekblad van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, 7 februari 1997;
Onze Taal, jrg. 66, januari 1997, p. 8; N.N., 'Door nieuwe spelling ook nieuwe straatnaamborden', in:
Brabants Dagblad, 23 januari 1997.
(4) Zie: Algemene Nederlandse Spraakkunst (Groningen/Leuven, 1984), blz. 68, en dr. Jo Daan, 'De meervoudsuitgang -n en -s', in:
Onze Taal, jrg. 57, blz. 85.
(5) Woordenlijst Nederlandse taal, samengesteld door het Instituut voor Nederlandse Lexicologie in opdracht van de Nederlandse Taalunie (Den Haag/Antwerpen, 1995).
(6) In hoofdzaak Winkler Prins-encyclopedieën, de Grote Nederlandse Larousse-encyclopedie (1979) en Ronald Peeters,
De straten van Tilburg (Tilburg, 1987).
(7) De Woordenlijst voor de spelling van de Nederlandsche taal van De Vries & Te Winkel ('s-Gravenhage/Leiden, 1865) schrijft al: Kapucijn, Karmeliet, Kartuizer. In hun tijdschrift
Met kap en koord van juli/aug. 1962 dringen de paters er zelf ook op aan de
k te gebruiken.
(8) De Nijmeegse professor Michels (voorheen leraar aan het St. Odulphuslyceum) toont in 'Bonifatius', in:
Onze Taal, jrg. 23 (1954), blz. 32, wetenschappelijk aan dat het Bonifatius moet zijn.
(9) In: De nieuwe taalgids, jrg. 10 (1916) schreef de Utrechtse professor Schrijnen een artikel over 'De klemtoon in Nederlandsche plaats- en straatnamen' (blz. 142).
(10) Zie: Buigingsverschijnselen, deel IV, (Amsterdam, 1952), blz. 146.
(11). Frans J. Claes S.J., 'Gaan we naar Liège of naar Luik?', in: Vlaamse tijdschrift Nederlands van
Nu, jrg. 42, februari 1994, blz. 10.
* Wil Sterenborg (1923, oud-docent Nederlands aan het St. Odulphuslyceum te Tilburg) is spellingdeskundige. In 1984 publiceerde hij in
'Tilburg' een erkende spelling voor het Tilburgs dialekt. Deze 'Sterenborg-spelling' werd nadien steeds meer toegepast, onder andere bij het
'Grôot Diktee van de Tilburgse Taol'.




