Stichting tot Behoud van Tilburgs Cultuurgoed - Tijdschrift
211. Overpeinzingen van een Belgisch Nederlander
 

Titel:   

Overpeinzingen van een Belgisch Nederlander

Ondertitel:   

Rede uitgesproken bij de opening van de tentoonstelling 'Waar lag de grens?'*

Auteur:   

Dr. L.P.L. Pirenne

Jaargang:   

X (1992) Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur

Nummer:   

1

Pagina’ s:   

4-8


Wanneer u Het Nieuwsblad uit de brievenbus haalt, dan staat er onder de kop Dagblad voor Midden-Brabant. Niemand verbaast zich daarover, hoewel er voor degene die doordenkt, toch reden zou zijn om zich te verwonderen. Ligt Tilburg dan niet in Noord-Brabant? Dan moet Midden-Brabant toch te vinden zijn in de buurt van Turnhout. Maar dat schijnt ook niet te kloppen. Immers in een passage van een werkstuk dat door het gemeentebestuur van Turnhout in het kader van dit project werd aangeleverd, lees ik tot mijn verrassing dat Turnhout in de Kempen ligt in het Noord-Oosten van Vlaanderen. Uit de jaren dertig, toen ik nog op Saint Denis zat bij frater Sulpicius, heb ik onthouden dat Sint-Niklaas in het noordoosten van Vlaanderen gelegen is, en dat Gent hoofdstad is van de provincie Oost-Vlaanderen. Dus ook hier alle aanleiding voor misverstanden. 

Maar het wordt nog ingewikkelder. In een recent informatiebulletin van het Kristelijk Dienstbetoon in Toerisme te Brussel, ingeleid door niemand minder dan kardinaal Daneels, lees ik in de Franstalige editie onder de beschrijving van Sint Jakob op de Koudenberg: la statute de Notre Dame des pécheurs remplaçe l'ancienne Notre Dame de Bois le Duc, emmenée de Hollande en 1629 et restituée en 1853, après l'independance Belge. Dus 's-Hertogenbosch ligt volgens de samensteller van deze brochure helemaal niet in Brabant, maar in Holland. Dus gaan we zoeken waar het noorden van Brabant dan wél te vinden is en u kunt al raden waar we terecht zullen komen: in Aarschot of in Diest. 

De begripsverwarring is in de hand gewerkt door het onbegrijpelijke besluit van de voorlopige revolutionaire regering van België om de provincie Zuid-Brabant, in de tijd van het Verenigd Koninkrijk onder koning Willem I de officiële naam van de tweede provincie van het land na Noord-Brabant - de N komt tenslotte vóór de Z - te veranderen in Brabant zondermeer. Dit leidde ertoe, en leidt er nog toe, dat in deze Belgische provincie nauwelijks het besef leeft dat ook de provincie Antwerpen in de Brabantse traditie staat, laat staan Noord-Brabant. In de Franstalige inleiding op een door het provinciaal bestuur van Brabant - lees Zuid-Brabant - in 1982 uitgegeven fotoboek met als titel Brabant, schrijft Georges Renoy dat na de Slag van Woeringen van 1288 ceux de Nivelles et de Gembloux ont ces autres de Breda et de Heusden pour compatriotes. Het is alsof hij wil zeggen bien étonnés de se trouver ensemble. Na het definitief verloren gaan van het noorden van Brabant in 1648 en de splitsing in 1795 van het midden en het zuiden van Brabant in respectievelijk het departement van de Dijle met hoofdstad Brussel en het departement van de Twee Neten met hoofdstad Antwerpen, le Brabant actuel - aldus Renoy - a étrangement retrouvé les dimensions de ses origines. De rest hoort er dus niet meer bij. Vanuit zulk een redenering ligt 's-Hertogenbosch wellicht in Holland. Uit een jarenlange ervaring is mij inderdaad gebleken dat voor grensoverschrijdende activiteiten binnen de vroegere Brabantse samenhang in de stad Brussel, en nog veel minder in Waals-Brabant, de handen op elkaar te krijgen zijn. Brussel is - zo lijkt het - zichzelf genoeg en kan als hoofdstad van Europa zich nauwelijks voorstellen dat het in de Middeleeuwen een Brabantse zusterstad was van Leuven, Antwerpen en 's-Hertogenbosch. 



Dr. L.P.L. Pirenne spreekt de openingsrede uit bij de tentoonstelling 'Waar lag de grens?' 
foto Frans van Ameijde).
(coll. RHC Tilburg).

Waals-Brabant met als hoofdstad Nijvel voelt zich een voorpost van de Franstalige cultuur in België. Zo gauw als je vanuit Brussel Waterloo binnenrijdt, wappert de Waalse haan je van tal van gevels tegemoet. Maar misschien moeten we wat Nijvel betreft, toegeven dat de graaf van Leuven, nog voordat bij hertog van Brabant was, al in de 11e eeuw op slinkse wijze de voogdijschap over de adellijke abdij van de keizer had afgetroggeld en dat de abdis en de kanunnikessen zich eerder zullen hebben gespiegeld aan het stift Thorn, dat er wel in geslaagd was rijksonmiddelbaar te blijven. Wanneer de plannen doorgaan om de provincie Zuid-Brabant te splitsen in respectievelijk Vlaams-Brabant en Waals-Brabant zal de vervreemding van het Franstalige deel van het voormalige hertogdom met de rest van Brabant alleen nog maar toenemen. Als we dan al vaststellen dat Zuid-Brabant zich in historische zin beschouwt als het restant van wat van het hertogdom is overgebleven, dan maken wij in Noord-Brabant dezelfde fout door van Brabants te spreken waar we Noordbrabants bedoelen: Brabants Heem, Brabants Orkest, Brabants Landschap, Stichting Brabantse Regionale Geschiedbeoefening, Historische Vereniging Brabant en last but not least Katholieke Universiteit Brabant. 

En tussen dit Nederlandse Brabant en het Belgische Brabant ligt dan de provincie Antwerpen als een soort niemandsland, meestal aangeduid als de Kempen. Van de Belgische provincies draagt alleen Antwerpen een niet op het verleden geënte naam, tenzij men de aanduiding markgraafschap erbij moet incalculeren! Vond Koning Willem I in 1815 drie Brabantse provincies, te weten Noord-, Midden- en Zuid-Brabant te veel van het goede? Overigens - dit als een terloopse opmerking - hoort de Belgische provincie Limburg Land van Loon te heten, want met het hertogdom Limburg had dit gebied niets van doen. Waarom, zult u opmerken, al deze pogingen om een vroegere Brabantse samenwerking naar het heden te transponeren? Het Nederlandstalige landsdeel van België heet nu eenmaal Vlaanderen en de beweging die het Nederlands uit zijn ondergeschikte positie heeft bevrijd, heet de Vlaamse Beweging en niet de Brabantse. Jan van Roey, de oud-stadsarchivaris van Antwerpen, heeft opgemerkt dat dit in de hand is gewerkt doordat het jonge Belgische koninkrijk Brabant in de kleuren van wapen en vlag, de Brabançonne en de titel van hertog van Brabant voor de kroonprins te zeer aan de staat had geassimileerd. En op de verhuiswagens en camions die in Noord-Brabant thuis zijn, staat zonder blikken of blozen: Oosterhout (het kan ook Heeswijk-Dinther of Eersel zijn) - Holland. Dat krijg je er niet meer uit en dat moeten we ook niet proberen, al zou het mij een lief ding waard zijn als alle vrachtwagens in ons land achter de plaatsnaam Nederland zouden invullen. 

Waar ik echter voor pleit, is dat in het kader van de bevordering van de Belgisch-Nederlandse integratie voor de provincies die vóór 1628 tot het ongedeelde Brabant hoorden, een bijzondere taak is weggelegd. Deze gedachte is uiteraard niet nieuw. Het Diets Studentenverbond, in 1922 te Utrecht opgericht, kende een talrijke aanhang, ook onder de studenten van de R.K. Leergangen te Tilburg en van de in 1927 in dezelfde stad opgerichte Economische Hogeschool. Zij beoogden echter geen integratie van België en Nederland maar veeleer een liquidatie van het in hun ogen nog altijd franskiljonse België en de stichting van een Groot-Nederlands rijk in de geest van de in 1543 bij het verdrag van Venlo in de zogenaamde Bourgondische Kreits Verenigde Nederlanden. Na de Tweede Wereldoorlog bleek deze droom niet meer levensvatbaar te zijn maar kreeg de wens naar integratie nieuwe impulsen vanuit de Benelux. Het voert te ver om nu allerlei geslaagde initiatieven te memoreren, al wil ik bij wijze van uitzondering er wel op wijzen dat het besef van een gemeenschappelijk verleden gestalte kreeg in de monumentale Algemene Geschiedenis der Nederlanden, in twaalf delen verschenen tussen 1949 en 1958 en in vijftien delen opnieuw uitgekomen tussen 1977 en 1983. Vanuit één visie slaagde prof. Eric Kossmann erin om twee eeuwen uit de geschiedenis van Nederland en België samen te vatten in zijn tweedelige De lage landen 1780-1980. Ook toonaangevende tjdschriften integreerden, waaronder de sinds 1970 onder een gemeenschappelijke Belgisch-Nederlandse redactie uitkomende Bijdragen en Mededelingen betreffende de geschiedenis der Nederlanden. Van geschiedkundigen kan men evenwel verwachten dat zij voor historische samenhangen gevoelig zijn, maar soms gaan zij verder. Is het initiatief tot de manifestatie Turnhout ontmoet Tilburg, Tilburg ontmoet Turnhout niet van beide gemeente-archivarissen uitgegaan? 



Reminder voor de Groot-Kempische Cultuurdagen te 
Hilvarenbeek, 1955. (coll. Ronald Peeters, Tilburg).

Voordat ik hierop verder inga, wil ik wijzen op initiatieven, na de oorlog door autochtone of allochtone Brabanders ondernomen, om wederzijds van de grens tot verzustering en verbroedering te komen. De Groot-Kempische Cultuurdagen, tussen 1947 en 1972 in Hilvarenbeek gehouden, hebben met name in de jaren vijftig een grote uitstraling gehad. Westelijk en oostelijk Noord-Brabant leverden twee onmisbare steunpilaren in de personen van de Nijmeegse hoogleraar en geboren Bergenaar Anton van Duinkerken en de in 's-Hertogenbosch geboren Beekse burgemeester Jan Meuwese. De studiedagen over Land en Volk van de Kempen, van Noordbrabantse zijde gedragen door Brabants Heem, worden sinds 1957 beurtelings gehouden in een stad of dorp in de Nederlandse Kempen of in de provincie Antwerpen. De Brabantse archivarissen congresseren sinds 1958 elk jaar, nu eens in het noorden, dan weer in het zuiden. De colloquia over de geschiedenis van de Brabantse steden, waarvan in 1965 het eerste werd gehouden in Leuven, vinden sindsdien om de drie jaar plaats in een stad in Zuid-Brabant, Midden-Brabant, alias Antwerpen, en Noord-Brabant. In 1987 werd er een afzonderlijke stichting voor opgericht, gepatroneerd door de drie gouverneurs. De negen bestuursleden zijn gelijkelijk over de drie betrokken provincies verdeeld. Meer cultureel van opzet zijn de vanuit Eindhoven sterk bevorderde Zuid-Nederlandse Ontmoetingen

Eindhoven was dan ook de eerste Nederlandse stad waar een afdeling werd opgericht van de Orde van den Prince, die thans met tientallen secties in Brussel, het landsdeel Vlaanderen en Nederland zo succesvol bijdraagt aan de versterking van de samenhang van die gebieden, waar 21 miljoen mensen Nederlands spreken, een groter aantal dan het totale aantal inwoners van de drie Scandinavische landen. In dit verband mag ook het succes van Ons Erfdeel genoemd worden, waarvan het Nederlandse redactiesecretariaat in onze provincie, c.q. Raamsdonksveer, is gevestigd. Meer volkskundig en toeristisch van opzet is de sinds 1958 in Heeze gehouden meerdagige Brabantse Dag, die aan het einde van de zomervakantie elk jaar tienduizenden naar dit mooie dorp trekt. De bestuurders van de aanpalende grensgemeenten ter weerszijden van de meet ontmoeten elkaar in het BeNeGo, het Belgisch-Nederlands grensoverleg. Dit alles opgenoemd hebbende - en de lijst is nog niet volledig - zou men de neiging krijgen dat het proces van integratie al ver gevorderd is. Maar toch, maar toch! Blijft de deelneming aan deze activiteiten toch niet beperkt tot groepen historici, bestuurders en bij tijd en wijle musici, toneelspelers en sportlui? Wie van hen beleeft de integratie ook innerlijk? 



Overzicht van de tentoonstelling 'Waar lag de grens?' (foto Frans van Ameijde).
(coll. RHC Tilburg).

Merkte burgemeester Brokx tijdens de presentatie van de manifestatie Tilburg-Turnhout op 26 februari ll. niet terecht op dat er soms wel eens kortere perioden waren van spontane en verhevigde activiteiten die dan toch weer vrij spoedig wegebden, waarna we weer op de oude voet verder gingen. Stelde zijn Turnhoutse collega Proost op diezelfde dag niet vast, en ik citeer, dat we allen na 160 jaar scheiding op heel veel punten echt kinderen van ons eigen land zijn geworden. Dus toch die grens! Daarom is het huidige initiatief zo belangrijk. Daarom is het zo goed dat ook het bedrijfsleven hierbij betrokken is. Er zijn voorbeelden te over hoe handelsverbindingen aan culturele integratie voorafgaan: kunst van het Maasland, Scheldegothiek, huizenbouw in de Hanzesteden, Nederlandse renaissance in Denemarken, Hollandse architectuur in de 17e-eeuwse stadshuizen van 's-Hertogenbosch en Maastricht, de achthoekige kerktorens van Vlaanderen en Zeeland. Bovenal is het belangrijk dat Tilburg en Turnhout ons Brabanders en in wijdere zin ons Nederlanders en Belgen leren de psychologische grens te verruimen. 

Voortaan liggen Goirle en Tilburg niet meer in Holland, naar in Noord-Brabant c.q. in Nederland. Voortaan wordt in Nederlandstalig België Nederlands gesproken en wordt tussen Turnhout en Antwerpen een Brabantse variant van de moedertaal gebezigd en beslist geen Vlaams. Ga anders uw oor maar eens te luisteren leggen in een staminee in Antwerpen en proef het verschil met Brugge en Gent. Voortaan is Jeroen Bosch een Brabander en zijn Rubens en Van Thulden dat ook. Voortaan realiseren we ons dat de Brabantse Omwenteling van de jaren 1789 - 1790 een vast steunpunt had in het evenzeer Brabantse Breda. We gaan niet uitsluitend meer naar Turnhout omdat de bonbons er smakelijker en goedkoper zijn en de Belgische Brabanders vinden de terrasjes in 's-Hertogenbosch en Bergen op Zoom net zo gezellig als die van Mechelen en Lier. Blijkens mijn ervaring leeft het gevoel van verbondenheid met Belgisch Brabant en Vlaanderen in het noorden sterker dan omgekeerd en worden tal van initiatieven eerder in het noorden genomen en georganiseerd en doorgezet. Tenslotte liggen de belangrijke Brabantse centra Leuven, Brussel en Antwerpen nu eenmaal in wat wij nu gemakshalve maar Belgisch Brabant noemen. 

De Europalia in Brussel trekken drommen Nederlanders, niet het minst uit Noord-Brabant. In de in Noord-Brabant verschijnende dagbladen worden we de laatste twee jaar, sinds de invoering van correspondentschappen, uitvoerig ingelicht over politieke en culturele ontwikkelingen in België. Nieuwe produkties in de Munt van Brussel of de Koninklijke Vlaamse Opera van Antwerpen worden vakkundig besproken. Het cultureel tijdschrift Brabantia, een uitgave van het Noordbrabants Genootschap, wijdde in december ll. de laatste aflevering van de 40e jaargang bijna geheel aan het gebied van de Vlaamse gemeenschap, met bijzondere aandacht voor de culturele infrastructuur direct over de grens, waaronder de activiteiten van De Warande te Turnhout. Erkend moet tevens worden dat binnen het maatschappelijke en culturele circuit van ons land Nederlandstalige Belgen zonder problemen en omwegen benoembaar zijn, terwijl voor Nederlanders in België de weg versperd lijkt. Alleen voor de toelating van studenten tot het hoger en universitair onderwijs lijkt de toestand eerder omgekeerd te zijn. 

Maar ook de inwoners van Noord-Brabant moeten zich bezinnen op de vraag wordt de Brabander noordelijker?, die de journalist Han Jonkers zich al in 1965 stelde in het tijdschrift Brabantia.Westelijk Noord-Brabant werd een overloop voor de randstad. De snelle en economische groei van Noord-Brabant bezorgde de provincie een sterke eigen infrastructuur op het gebied van onderwijs, schouwburgen en binnen niet al te lange tijd ook cotcertzalen. Daar er in de 19e eeuw geen grens was voor de meisjes uit de z.g. betere klassen in Noord-Brabant om ten zuiden van de grens op kostschool te gaan (en daar Frans te leren!), is dat fenomeen na de Tweede Wereldoorlog geheel verdwenen. Het deed me dan ook deugd in het minitieus opgezette werkboek dat aan deze tentoonstelling ten grondslag ligt, te lezen dat nog steeds Nederlandse jongelui in Turnhout onderwijs volgen. Omdat het traditioneler en degelijker is? We moeten elkaar beter informeren, dat was de boodschap van beide burgemeesters op 26 februari ll. Inderdaad we moeten een grondige wederzijdse kennis opbouwen, zei in 1953 al de latere Belgische minister van Nederlandstalige cultuur Frans van Mechelen tijdens de Groot-Kempische Cultuurdagen van dat jaar. Ik zat er zelf bij, naast mijn Beekse verloofde. Er is nog zoveel te bestuderen. In de vandaag te verschijnen bundel Geworteld in Taxandria snijdt Jef van Gils het Grootgrondbezit langs de grens aan, waarin de Belgische adel en de Antwerpse haute finance haar kapitaal belegde. Dat deed zij ook in de west-Noordbrabantse suikerindustrie en in de aanleg van spoor- en tramwegen in deze provincie. Ik zou meer te weten willen komen over hou en trouw over de grens heen. 

Was de vader van de Turnhoutse archivaris Harry de Kok geen geboren Tilburgenaar, komt de vader van zijn Tilburgse collega niet uit het Zeeuws-Vlaamse Hontenisse, hoewel goed Nederlands toch veel meer Vlaams dan Zeeuws, met ook onder zijn voorouders talrijke uitwijkelingen naar Antwerpen, en was mijn vader niet een in het Luikerland geboren, maar in Antwerpen getogen, Belg, wiens jongste broers het reststuk van België achter de IJzer jarenlang mee hielpen verdedigen? Voor ons drieën heeft er tussen Goirle en Poppel nooit een grens gelegen, soms ook letterlijk niet. Want toen ik in 1939 op een warme zomerdag als jong lyceïst eens in de grensstreek fietste, was de plaatselijke douanier in slaap gesukkeld. En in de jaren dertig, in augustus met zussen en broers op de terugweg van een heerlijke vakantie in Antwerpen, laafde de chauffeur van busdienst Peeters wel eens zijn dorst in een Poppels etablissement, zodat wij vlug de bus uit konden wippen voor een doos knapperige janhagel. Hier in deze regio was het leven, neen is het leven nog goed, een regio, zoals we geloven, met een goede toekomst. Prof. Verberne, van 1922 tot 1947 leraar geschiedenis aan het Onze Lieve Vrouwelyceum van Breda en van 1947 tot 1956 hoogleraar te Tilburg, schetste in het in 1955 onder auspiciën van het Provinciaal Genootschap van Kunsten en Wetenschappen verschenen derde deel van Het Nieuwe Brabant het dualisme van Noord-Brabant, zuidelijk in het ene, noordelijk in het andere. 

Meer nog dan de Belgische en Nederlandse provincies Limburg vormt Nederlands en Belgisch Brabant de gesp waarmee België en Nederland naar elkaar toegehaald kunnen worden. De Katholieke Universiteit Brabant en de zeven universitaire instellingen in Midden- en Zuid-Brabant vormen daarbij onze denktank. Mr. Frank Houben, commissaris van de Koningin in de provincie Noord-Brabant, getuigde op 13 januari ll. in een te 's-Hertogenbosch gehouden conferentie van de afdeling Noord-Brabant van het Algemeen Nederlands Verbond dat grenzen niet meer heilig zijn. Op 21 januari hebben de colleges van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, Limburg en Zeeland een intentieverklaring ondertekend om tot een nauwere samenwerking te komen met het Vlaamse gewest en de Vlaamse provincies. De Tilburg-Turnhoutse ontmoeting effent op deze weg het pad voor de gewone man, zodat een nieuwe generatie over 25 jaar zich zal afvragen waar lag de grens ook weer?


* In het Gemeentearchief van Tilburg op 8 mei 1992. 
Dr. L.P.L. Pirenne
(1924) is oud-rijksarchivaris van Noord-Brabant.