| 269. 100 jaar St. Caeciliakerk te Enschot | |||
|
Titel: |
100 jaar St. Caeciliakerk te Enschot |
|
Ondertitel: |
|
|
Auteur: |
|
|
Jaargang: |
XVII (1999) Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur |
|
Nummer: |
2 |
|
Pagina’ s: |
54 |
Jubilea zijn vaak aanleiding om terug te blikken in het verleden en vele historische feiten betreffende de instellingen of gebouwenie zoveel jaren bestaan, uit te zoeken en voor het nageslacht vast te leggen. De Enschotse parochie St. Caecilia bestond in 1998 een eeuw en dat moest uiteraard gevierd worden. Anton van Dorp heeft er een gedegen gedenkboek over geschreven, fraai vormgegeven door William
Coolen.
Het boek begint met een kerkhistorisch overzicht vanaf de Mddeleeuwen. In 1319 werden de kerken van Enschot (Sint
Michiel) en Tilburg (Sint Dionysius) samengevoegd en kwamen ze in handen van één geestelijke, de pastoor van Tilburg. Er blijft echter sprake van twee parochies. De Enschotse kerk is in de loop der jaren zo in verval geraakt dat het een ruïne werd die in 1839 gesloopt zou worden. Alleen de Oude Toren is er thans nog van
overgbleven. Na 1648 is de kerk in handen van de protestanten gekomen en in 1677 werd het de katholieke Enschottenaren toegestaan een schuurkerk aan de Enschotsebaan in gebruik te nemen, toegewijd aan Sinte Caecilia Dat was niet verwonderlijk, want al in de oude kerk was er een bloeiende Caecilia-erering met een altaar, een klok (1445) en een broederschap. In 1765 werd er een nieuwe schuurkerk gebouwd. Van 1233 tot 1826 hadden kanunniken van de nobertijner abdij van Tongerlo de zielzorg in
Enschot. Een aardig verhaal is dat van abt Godefridus Hermans van Tongerlo die in 1799 door de Fransen uit zijn abdij was verdreven en op zijn vlucht uiteindelijk in Haaren was aangeland, waar hij door vermoeienissen en emoties op de pastorie is overleden. De pastoor wilde hem in de schuurkerk te Enschot begraven. In 1949 hebben er archeologische opgravingen plaatsgevonden en werden de fundamenten van de schuurkerk blootgelegd, echter van Hermans werden geen stoffelijke resten ontdekt. Wel zijn er in de jaren zestig bij graafwerkzaamheden voor de pastorie nog enkele menselijke botten aangetroffen. Het mysterie is echter nog niet opgelost, aldus Van Dorp.

(Coll. RHC Tilburg).
In 1862 kreeg de toenmalige pastoor Smets van paus Pius IX toestemming tot afzonderlijke zegening van water dat bij gebruik genezend zou werken of zou beschermen tegen
lichaams- en zielsziekten en vergiffenis van alle zonden zou schenken. In de volksmond werd het St. Jobswater genoemd. De verering van de Heilige Man Job was geboren en nog steeds stromen vele bedevaartgangers tijdens het octaaf van 10 tot 18 mei jaarlijks naar
Enschot. Na de dood van pasoor Joannes Smets zou zijn opvolger Franciscus Corsten de opdracht krijgen een nieuwe neo-gotische St. Caeciliakerk te bouwen die op 7 mei 1899 kon worden ingezegend. De oude schuurkerk werd pas in 1904 afgebroken.
Het boek vervolgt chronologisch de lotgevallen van kerk en parochie onder de diverse pastoors. Ook het rijke Roomsche Leven, het verenigingsleven en devotie komen ruimschoots aan bod. Van Dorp beperkt zich in zijn boek niet alleen tot het opsommen van feiten. Hij weet op basis van gedegen bronnen- en literatuuronderzoek de vele historische gegevens in een goedlopend verhaal en in een bredere context te plaatsen, zodat daarmee een betrouwbaar beeld verkregen wordt van de kerkelijke geschiedenis van
Enschot. Zo behoren gedenkboeken te worden gemaakt.
Drs. Anton van Dorp, 100 jaar Caeciliakerk. Een geschiedenis van de parochie St. Caecilia te Enschot 1898-1998
(Berkel-Enschot, R.K. Kerkbestuur St. Caecilia, 1999), 144 blz., geïll., geb. ISBN 90-9012463-2,
f 35. Verkrijgbaar bij de pastorie te Enschot, Kerkstraat 2, 5056 AC Berkel-Enschot
(tel. 013 - 533 12 15).




